2019 – Naar de Oostzee

1. – Voorbereidingen en vertrek naar de Oostzee (mei)

In de loop van de winter hebben we met Tony en Chih Ling besloten om dit jaar naar de Oostzee te gaan. Zij zijn daar een paar keer geweest, maar wij nog nooit. Ooit was het een wens van Hanneke, maar zij wordt steeds zenuwachtiger op zee en wil eigenlijk niet meer zeilen: “liever een camper of een motorbootje, desnoods”. Omdat mijn lijf ook niet meer zo heel erg mee werkt vrees ook ik dat de jaren van het zeilen ten einde lopen…..

De uitvoering van de trip naar de Oostzee vergt wel wat voorbereiding: nieuwe kaarten (onze waren van eind ’70-er jaren), stroomkaarten, pilots, wijziging van verzekering, enzovoorts. Op de boot blijken wat technische klussen: 2 buitenkranen moeten worden vervangen, een defecte drinkwaterpomp, dito kachel en het standaard motor-onderhoud. Het is een flinke chaos als Hanneke dinsdag weer op de boot komt. Maar dat knapt flink op, met zo’n kapiteinse aan boord. Het zonnetje schijnt en we besluiten op de boot te blijven slapen. Wensdagochtend gaan we zelfs een stukje varen: naar de Kaagsociëteit om te ontbijten en daarna nog wat te zonnen.Dit jaar is onze zeiltrip zeer matig voorbereid. We hebben pas één nacht op de boot doorgebracht, nog niet gezeild en maar een heel klein stukje gevaren. Dat niet alleen, maar ook het laden van vakantiespullen en opruimen is overhaast of niet gebeurd. Dan is er de hemevaart-reunie met de familie t/m zondag is Doesburg. Al met al een zeer matige planning.

Maandagmiddag, 3 juni, vertrekken we dan toch, direct na Hanneke’s tandartsenbezoek. We varen om 15.00 uur vanuit de haven in Warmond naar het Joppe, waar Tony en Chih Ling op ons liggen te wachten. Op 300 meter van de jachthaven betalen we een tientje om daar te slapen..

Dinsdagochtend vertrekken we om 8.45 op weg naar de auto- en spoorbrug over de rondvaart van de Haarlemmermeer. We tuffen naar en door Haarlem, waar we passeren zonder te betalen. Ik dacht dat betaling in Spaarndam moest, maar ontdekken daar dat dat niet kan.. Terugvaren lijkt ons ook niet handig, dus dan maar pech voor Haarlem. Net na de sluis in Spaarndam moeten we wachten voor de laatste brug nar het Noordzee-kanaal. Daar zien we een Franse motorsailor ‘Albert’ van Guy en z’n vrouw die we in 2012 hebben ontmoet in Normandië op de rivier de Treguliëre, vlak na Guernsey. Zij wilden naar Marseille maar hadden motorpech. Ze herkennen ons ook en zwaaien enthousiast. Tegen vijven varen we de bomvolle Sixhaven in. We gaan met z’n vieren bij een Chinees restaurantje op de Zeedijk eten. Het is veel te ver voor mijn rug. Ik besluit dat ik zoiets niet meer ga doen.
Als we terug zijn begint het – zoals voorspeld was – te regenen en onweren. Eerst een beetje, maar dan werkelijk spectaculair! We kunnen de voorkant van de boot niet eens meer zien door de enorme hoeveelheid water, het waait als een gek, het is zo’n herrie dat we het onweer niet meer horen en het bliksemt onophoudelijk. Dat alles duurt een half uur, of zo, hoewel je het nog uren hoort. We zitten tevreden droog op ons bootje.

Woensdag vertrekken we om 9.30 naar de Oranjesluizen. We worden vlot geschut en met de wind schuin tegen varen we de sluis uit. Bij Durgerdam draait onze vaarroute tot schuin voor de wind. De Pescador hijst de zeilen, maar we lopen mij te langzaam: nog geen 3 knopen. De afgelopen dagen is ons op het IJsselmeer opgevallen dat marifoonkanaal 77 voortdurend gebruikt wordt voor kletspraat tussen schippers. Ze leuteren maar door over allerhande huis-, tuin- en keukenzaken die niets met varen van doen hebben.! Dat hebben we nog niet eerder meegemaakt. Als de wind later wat aantrekt rollen wij de Genua uit. We halen snelheden van zowat 4.3 knopen gedurende twee uurtjes, maar dan zakt de wind in. We starten de motor weer en tuffen naar Enkhuizen. Daar is het betrekkelijk rustig: we vinden zelfs een flinke plek langs de kademuur voor de Marlijn en de Pescador. Tegenover ons legt de Groene Draeck aan, luidkeels glimmend. Tony nodigt ons uit om mee te eten. Een eend op de kant vindt dat die uitnodiging ook voor hem/haar geldt en landt midden in de kuip van de Pescador. Hij/Zij is helemaal niet bang en vliegt zelfs de kajuit in om op Tony’s bed te poepen. Dat is ons te gortig en we zetten deze onverlaat van het schip af.

Donderdag gooien we los om 11.55 uur. Buiten de haven rollen wij de Genua uit en hijsen de nieuwe bezaan. De Pescador gaat met volle zeilen. In twee uur jakkeren we met halve wind naar Stavoren waar we aanleggen voor het gemaal. Het blijkt een iets onrustig plekje, maar het is te doen. Hanneke, Toni en Chih Ling gaan naar Stavoren, maar komen wat teleurgesteld terug. Álles daar was gesloten. Niets aan. ’s Avonds kijken we op de Pescador de halve finale voetbal. Nederland speelt heel lang goed, maar wint uiteindelijk vooral dank zij flink wat mazzel.

Vrijdag zijn we voor zevenen op. We maken de boel klaar voor het vertrek om 7.15 u. De sluis van Stavoren draait vrijwel meteen. We varen met 5 knopen over de brede vaart en de Morra. Ook de bruggen die volgen draaien onmiddellijk. Friesland is buitengewoon ‘bootvriendelijk’! De Fluessen is veel groter dan ik me herinner van 30 jaar geleden. Om 10 uur passeren we Heeg. Onderweg hebben we eerst nog contact met de Pescador, maar later vindt er opnieuw grenzeloos geleuter zonder ophouden  plaats op kanaal 77. Inmiddels weten we alles van de nekhernia van een dochter en de behandelend artsen…. Het Prinses Margriet kanaal is vrij druk. Op het Sneekermeer staat een stevige dwarswind. De Pescador blijft in Sneek liggen omdat zoon en vriendin langs komen. Wij gaan door naar Grou. We zien elkaar later weer. Om 11.55 uur naderen we Grou. Ik stuur Gerrit en Hedy een mailtje dat ze ons over 5 minuten voorbij kunnen zien varen. Om 12.05 leggen we aan in de passantenhaven ‘de Helling’. Een uurtje later komen Gerrit en Hedy langs. Zij blijken pech te hebben met hun boot: een kapotte keerkoppeling. Inmiddels is die bijna klaar, maar hun vakantieplannen zijn daardoor een beetje in het honderd gelopen. We spreken af om tegen vijven op de boot een biertje te drinken en dan naar de Bierhalle te gaan. Hedy heeft speciaal voor ons heerlijk Indisch gekookt: Babi ketjap, Ajam Besengek, een Sajoer en Tofu pedis met rijst en bijgerechtjes. Tegen half elf gaan we naar de boot, die op maar 5 minuten van hun huis blijkt te liggen. Het wordt een winderige en af en toe regenachtige nacht en dito zatedag.