7. Lieke op de boot

 Woensdag 4 juli gaan Tony en Chih Ling naar Het haventje van West Repart. Wij blijven nog liggen omdat Lieke hier met de auto aankomt. Ze komt om één uur en daarna gaan we bijna meteen boodschappen doen in Renesse.  Als we terug zijn blijven we toch nog maar een nachtje liggen en we kletsen de hele avond vol. Jeroen belt op dat hij bij het konijn Djoekie een jong meeuw heeft aangetroffen. Hij weet niet wat hij ermee aan moet en de dierenambulance komt niet. Uiteindelijk slaagt hij erin om de meeuw in het afgescheiden deel van de tuin te krijgen en geeft hem een bakje met water. We moeten maar hopen dat hij dat overleeft. Grotere meeuwen durven namelijk niet in onze tuin te landen, dus dat wordt nog een probleem.

Donderdag is weer een stralende dag, windstil en we bellen even met Chih Ling. We kunnen daar terecht, desnoods aan hun boot. Terwijl wij daarheen varen worden we gebeld door Pieter, de huidige eigenaar van de Klaasje, onze LM27. Als we bij west Repart aankomen is er net een boot vertrokken en kunnen we naast de Pescador aan de steiger. Zij moeten om half tien naar een begrafenis en ik kan meerijden naar Leiden om bloed te laten prikken. Thuis aangekomen blijkt de jonge zeemeeuw nog te leven. Hij lijkt niet van brood te houden maar moet toch iets eten! Ik slaag er met enige moeite in om hem via de poort naar de kade te dirigeren. Misschien dat zijn ouders hem daar terugvinden…. Een uurtje later zie ik hem daar zwemmen, terwijl twee volwassen meeuwen iedereen aanvallen die ook maar iets te dichtbij komt. Volgens mij is dat niet omdat ze hem beschouwen als lekker hapje voor vanavond maar uit oprechte ouderliefde. De terugweg naar de Grevelingen loopt langs vele wegen… (Zó kunnen we nu met recht zeggen dat we de industriegebieden de Botlek en de beide Maasvlaktes hebben doorkruist…. ’s Avonds vermaken we de andere bootjes met een muzikaal onthaal.

Vrijdagochtend begint grijs, maar gelukkig klaart het snel op. Wij varen naar Port Zeelande om brood te kopen en daarna naar de Ossenhoek. Voor Lieke is het echt een heel nostalgisch tripje. Zelfs zozeer, dat ze eigenlijk vaker naar de Grevelingen wil komen. Nu Jeroen nog zien over te halen! We kunnen op de Stampersplaat een uurtje naast de Orion (een vs Stad 34) van Ruud en Judith aanmeren. Zij liggen ook in haven oost in Warmond. Hanneke en Lieke lopen een rondje over het eiland. Dan vertrekken we weer en varen via Bommenede en de Archipel naar de rand van de Hompelvoet om daar te ankeren. Tegen vijven varen we weer naar de Ossenhoek. Daar blijkt het nu heel druk, met veel dubbel geparkeerdeboten. Wij kunnen langszij bij de buren van afgelopen nacht. ’s Avonds gaan we op de Pescador nog even de verlenging en strafschoppen van Kroatië-rusland kijken. De dames krijgen nog een lekkere whisky en dan naar bed.

 Zondag worden we wakker na een vrij onrustige nacht. Het heeft de hele nacht vanuit de verkeerde hoek naar binnen gewaaid en de boten lagen naast elkaar te rukken, piepen en kreunen. Ook de buren hebben dat gemerkt en watjes in hun oren gedaan. Om tien uur varen we naar buiten en rollen de Genua uit. Het gaat zo langzaam dat de windmeter en het log niets aangeven. Na een uurtje varen we dan toch maar op de motor door de Krabbengeul naar de Middelplaat. Daar blijkt er ruimte te over te zijn. Lieke ruimt haar spullen bij elkaar, gaat met Hanneke nog even volleyballen en dan gaan we boodschappen doen, voordat Lieke weer naar Leiden vertrekt. ’s Middags komen twee mensen langs van een zeilboot de ‘San Antonio’, Jacqueline en Bert, die geïnteresseerd zijn in onze kaarten van Frankrijk en mogelijk van de Middellandse zee. We wisselen telefoonnummers uit en spreken af dat zij naar Leiden komen als wij daar weer terug zijn. Mar en Tine met vrienden komen voor ons liggen. Ze gaan vanavond uit eten in Scharrendijke. De rest van de middag en avond blijft het heel rustig.

Maandag gaan we om 9 uur naar Scharrendijke om water te tanken. Als we daarna naar de Ossenhoek varen komen we de Adamante van Piet tegen. Op de Ossenhoek zien we de Pescador en Casador naast elkaar liggen. Wij leggen een stekkertje verderop aan. Even later komt de Adamante ook hier binnen varen. Piet grapt dat wij hem al de hele tijd achterna varen. Roel en Gerda komen even later aan. Koos en Nelleke hebben een tafel ‘gedekt en daar verzamelt zich een heel gezelschap met – voor ons – als nieuwelingen Kees (de “sport”-visser) en Gonnie, ook Hagenezen. Kees heeft een heleboel haringen meegenomen en gaat die samen met Tony kaken. Eerst wordt er een frisje gedronken, maar al snel worden bier en diverse steviger dranken aangevoerd. Ook de gitaren worden gehaald en worden twee liedje op Roels verjaardag gezongen. Het tweede liedje maakt Roel, maar vooral Gerda, aan het huilen van emotie. Het wordt en blijft een vrolijke boel. Op een gegeven moment staat een magere man met een hondje achter ons te kijken. In een flits zeg ik ‘U heet toch niet toevallig Pieter?’ ‘Jazeker’ zegt de man! Het is de koper van ons vorige bootje, de Klaasje! Hij ligt vlakbij aan de steiger. (Helemaal onverwacht is het eigenlijk ook weer niet: hij had ons vorige week al gebeld dat hij hier in de buurt was met z’n bootje.) Hij had mij, en ik hem, helemaal niet herkend. We spreken af om elkaar later te zien. Tegen één uur of half acht breken we het feestje op. Inmiddels ziet het weer er behoorlijk dreigend uit, maar er gebeurt niets. Om half negen gaan we even bij de Klaasje kijken. Hij ziet er behoorlijk onverzorgd uit, maar er zijn ook wat nieuwe dingen, zoals een rol-grootzeil, self-tailing lieren, een kaartplotter en een nieuwe tent. Als we op het bootje zijn valt ons vooral op hoe ruim hij eigenlijk is voor z’n lengte! Een uurtje later gaan we terug. Op de Marlijn maken we het tentje dicht, want alles wijst op regen.