2019 Naar de Oostzee

Voorbereidingen van de Oostzee-trip (14 mei)

In de loop van de winter hebben we met Tony en Chih Ling besloten om dit jaar naar de Oostzee te gaan. Zij zijn daar een paar keer geweest, maar wij nog nooit. Ooit was het een wens van Hanneke, maar zij wordt steeds zenuwachtiger op zee en wil eigenlijk niet meer zeilen. Vooral de Duitse Bocht vreest ze, als ware het opnieuw een Golf van Biscaie. Voor haar “liever een camper of een motorbootje, desnoods”. Omdat mijn lijf ook niet meer zo heel erg mee werkt vrees ook ik dat de jaren van het zeilen ten einde lopen….. Gelukkig hebben onze vrienden flink geholpen om de angsten te bezweren en uiteindelijk heeft Hanneke ingestemd met het plan om naar Rügen, Bornholm, Malmö en Kopenhagen te gaan.

De uitvoering van de trip naar de Oostzee vergt wel wat voorbereiding: nieuwe kaarten (onze waren van eind ’70-er jaren), stroomkaarten, pilots, wijziging van verzekering, enzovoorts. Op de boot blijken wat technische klussen: 2 buitenkranen moeten worden vervangen, een defecte drinkwaterpomp, dito kachel en het standaard motor-onderhoud. Het is een flinke chaos als Hanneke dinsdag weer op de boot komt. Maar dat knapt flink op, met zo’n kapiteinse aan boord. Het zonnetje schijnt en we besluiten op de boot te blijven slapen. Woensdagochtend gaan we zelfs een stukje varen: naar de Kaagsociëteit om te ontbijten en daarna nog wat te zonnen.

18. Bye, bye!

Maandag 30 juli is het rustig weer zonnig met wat wolkenvelden. We horen van de buren dat ze gisteravond, tijdens een wandelingetje rond het eiland, zagen dat de toiletten aan de andere kant van het eiland volledig vernield zijn. De toiletpotten waren met grote stenen kapot geslagen… Wat een treurig soort lieden die zoiets doen. De Pescador vertrekt om 8.15 uur, evenals de Guernera….?, gevolgd door de Marlijn. Als we bij de Middelplaat aankomen zien we een plekje waar we misschien net in kunnen. Eigenlijk dus net niet: we zijn 10 cm te lang. En dan blijkt dat de boot achter ons op het punt staat te vertrekken. Even later liggen we dus prinsheerlijk. De Pescador vindt een plekje aan de binnenkant van de steiger. Chih Ling gaat bijna meteen een nieuwe gasfles halen. Hanneke, Toni en Jim gaan mee om alvast wat boodschappen te doen. Middags gaan we wat muziek maken met allerlei buren als toeschouwers. Eén van de buren, een gezellige man uit Zaltbommel, speelt mondharmonica, maar alleen in C of G, zegt hij. Dat lukt overigens best. Ze nemen zelfs een biertje voor ons mee! ’s Avonds zijn we op de Pescador uitgenodigd om Chinese andijviestampot te eten: met rijst en spek. Het is hun armelui’s voedsel uit de tijd Dat ze net getrouwd waren. Dat blijkt simpel te bereiden met spek (even door de aardappelmeel gehaald), gebakken uien, twee lepels zwarte bonensaus erdoor en met rijst. Het is verrassend lekker! Chih Ling wil morgen naar de Lidl in Zierikzee. Na ruim een week zonder boodschappen zijn we nu wel aardig gevorderd met het opeten van de noodvoorraden. De wijn, het bier en de shag hebben bijna het absolute dieptepunt bereikt! Na de boodschappen morgen kunnen we er vast wel weer even tegen denk ik.

Dinsdag worden we wakker met een kletterende regenbui. Al snel klaart het op en zitten we toch in het zonnetje te ontbijten. Daarna, om 10 uur naar Zierikzee. Eerst de binnenstad in. Hanneke en Toni kopen beide een leuke Afrikaanse haarklem. Op het terras aan het marktplein nemen we koffie met gebak. De gebakjes, een punt  appeltaart en een tompoes, zijn werkelijk enorm van formaat en erg lekker. (Standaard leveren ze er hier twee schoteltjes en vorkjes bij.) Op weg naar de auto passeren we een muziekwinkeltje. Ik koop daar een capodastro (een gitaarklem). Daarna naar de supermarkt. We komen met drank en voedsel beladen weer terug bij de boot. We borrelen met Tony, Gerda en Chih Ling op de Marlijn. Daarna heb ik helemaal geen honger meer, tot Hannekes ergernis. ’s Avonds spelen we op de Pescador met de steigergenoten als publiek. Een buurjongetje van 6 jaar komt de band versterken met z’n mondharmonica. Dat is wel grappig! Het levert bovendien biertjes en snickers op voor de band en de omstanders.

Woensdag 1 augustus zijn we vroeg op. Hanneke is haar Afrikaanse haarklem kwijt! Nergens te vinden! Ze gaat mee naar de markt in Renesse. Ik besluit om intussen de op Mallorca beschadide ankerroller te verwijderen en een beugel daarvan te gebruiken om het kantelen van ons anker (op de andere roller) tegen te gaan. Met hulp van buren van de boot voor ons lukt het om ook het anker weer netjes terug te leggen. En nu is het afwachten of dit ook echt een bruikbare oplossing is. Ik ben toe aan pauze. De Orion met Ruud en Judith vertrekt rond twaalf uur. We zien ze vast nog wel, zo niet hier, dan toch zeker in Warmond.  Woensdagmiddag worden we uitgenodigd bij Jim en Liz om makreel en aardbeien met slagroom te komen eten. Dat is best gezellig, maar voor mij is die combi wel raar. Ik houd het dus bij een stukje makreel en een biertje. We besluiten om komend weekend weer richting Leiden te gaan. Dan kan Hanneke ook weer eens iets aan haar tuintje doen. ’s Avonds gaan we dat Toni en Chih Lingvertellen en daarna kijken we een helft voetbal op de Pescador. Weinig boeiend. Opeens valt het ons op dat het inmiddels wel weer veel eerder donker wordt: ruim voor elf uur ’s avonds.

Donderdag gaan we eerst water halen in Scharendijke en daarna ankeren bij de Ossenhoek. Al  vroeg is het heel warm en er staat nauwelijks wind. Hoewel de motor 2000 toeren loopt gaan we volgens het log vrij langzaam. De oorzaak blijkt te zijn dat ons log (kilometerteller) nog maar de helft van de snelheid aangeeft die de GPS meet. Blijkbaar is het logwieltje vervuild. Voor vandaag geeft het weerbericht temperaturen van 25 tot 35 graden bij windkracht 1 á 2. (Dat is nog niet zo erg als in Portugal: tot 50 graden: daar wordt je ge-slowcooked op eigen sap…) Onze ankerplek ligt langs de doorgang naar Port Zélande, de ligplaats van heel veel, veel te grote speedboten…. Dat merken we dan ook goed: de hele dag liggen we te klotsen op de golven van voorbij komend geteisem, inclusief rondjes varende rubber k.tbootjes met een dikke pappa erin, die dat 30 jaar gelden ook al deed toen hij nog puber was, of zijn nazaten. Omdat we in het beetje wind liggen is het uit te houden, vooral als je helemaal niets hoeft te doen. ’s Avonds wordt het nog rustiger…. Een prachtig heldere nacht met spiegelglad water, slechts verstoord door diverse, overbemeten raceboten die onverlicht voorbij scheuren. Op de kant maken wat jongeren in een bosje achteraf een kampvuur. Niet verstandig, nu alles zo droog is, maar het loopt goed af.

Vrijdag is het om zeven uur ’s ochtends al behoorlijk warm en volkomen windstil. We zijn bijna achterstevoren komen liggen en zowel Jim, als Chih Ling liggen (ook achterstevoren) op circa 5 meter afstand. Gezellig hoor, zo’n samenzijn…. Tegen negenen zijn we allemaal weer met de neuzen in de goede en dezelfde richting gedraaid. Chih Ling komt vertellen dat hij vandaag blijft liggen. Dat doen wij ook. Morgen voorspellen ze windkracht 3, zodat we misschien wedstrijdje kunnen zeilen naar de Mosselbank, bij Bruinisse. Daarna gaan we toch maar weer zo’n beetje richting Leiden, want voorlopig blijft het hier zo warm en zonnig dat het wachten op een koelere periode hopeloos lijkt. Er gebeurt verder helemaal niets meer, behalve ons afscheid van twee meeuwen (Sjakie en zijn vrouw). Als Chih Ling gitaar zit te spelen komt Sjakie er altijd bij zitten (en z’n vrouw soms). Soms op de steiger of een meerpaal, soms op Chih Lings bijbootje en,  heel af en toe, op de davits van het bijbootje.  En dat  terwijl Chih Ling hem maar een heel enkel keertje een broodje of visje toewerpt. (De conclusie: meeuwen houden van 50-erjarenmuziek.). Dat is ons twee maanden geleden al opgevallen op de Ossenhoek en gebeurde sindsdien….o

Zaterdag 4 augustus gaan we om half negen eerst brood halen in Port Zélande. Daarna varen we terug. Daar is de Pescador net bezig anker op te gaan. Ook Jim gaat weg. Gedrieën gaan we eerst richting Archipel en daar vandaan richting Bru. Er staat weinig wind. Jim gaat met z’n enorme genua zonder twijfel het hardst. De Pescador gaat met vol tuig eervol met de tweede plaats aan de haal. Wij zijn – beschaamd – hekkensluiter, met als oorzaak luiheid  van de bemanning (alleen de genua) en een beetje pech. We halen het bochtje met de zandbank bij de Archipel maar net binnen te tonnen, door flink te knijpen. Pas vlak bij de Mosselbank begint het een beetje te waaien, maar dan is onze achterstand al te groot. We vinden drie plekken aan verschillende steigers. Maar dat is al lang best, want voor hetzelfde geld was er geen plek meer geweest! Vanavond dan afscheid met ‘zang en dans’ en chocoladetaart. En dan gaan we echt.

Zondagochtend zijn we om kwart over zes wakker. Ik zet een pot koffie en thee. Hanneke blijft nog een kwartiertje liggen. Dan maken we de buurman wakker. We wurmen de Marlijn er met enige moeite tussenuit (ons anker haakt achter zijn railing) en steken over naar Bruinisse. De sluis staat al open en we zijn binnen 10 minutn geschut. Dan door naar de Krammersluizen. Die gaan vlot open maar het schutten gaat langzaam: meer dan een half uur voor ca 30 cm stijging! Vervolgens door naar de Volkeraksluizen. Jammer genoeg is de wind bijna pal tegen, dus we motoren alles. Ook daar gaat het om half twaalf vlot. Wel een rare motorboot die bij het invaren van de sluis ons nog tussen de deuren meent in te moeten halen…. Rare mensen! Om half twee zijn we bij de spoorbrug voor Dordrecht. Om kwart over twee maken we vast in een box in de ‘nieuwe haven. En warm dat het daar is!….. Hanneke gaat de even stad in. ’s Avonds gaan we eten in een traditioneel Turks restaurant: mezzes, dorade en een kalfssplies. Lekker, heel betaalbaar en erg aardige mensen.

Maandag hoeven we pas om half tien door de brug van de haven. Dan zijn we keurig op tijd voor de verkeersbrug bij Alblasserdam. Daarna krijgen we stroom tegen, feitelijk tot Gouda. We proberen nog even om diesel te tanken, maar er liggen vijf grote binnenvaarders om het bunkerstation heen, dus dat houden we snel voor gezien. We varen heel, heel, heel langzaam, langs de ‘Rietkant’ (een smalle afsnijding met allemaal sloperijen) naar de verkeersbrug Alblasserdam. Die draait om kwart over tien. Het is druk op de Noord en de Lek, maar het gaat allemaal goed. We zijn om half twaalf, tien minuten te laat, bij de stuw en brug bij Krimpen aan de IJssel, dit, ondanks de vaart die we erin gezet hadden…  een uur wachten, tot half twee dus en daarna volop stroom tegen. Anderhalf uur later naderen we de sluis bij Gouda. Om 14. 27 draait daar de spoorbrug. Halen we dat? Vraagt Hanneke… Alles zit mee: om 14.15 zijn we door de sluis! We jakkeren met vol gas alles en iedereen voorbij, met een onbeschaafde hekgolf (nood breekt wet in dit uitzonderlijke geval)  en om 14.25 liggen we voor de spoorbrug. Om 14.30 ook, trouwens, en om 14.45 nog steeds. Inmiddels hebben we een half bericht opgevangen, dat er een kwartiertje of zo gewacht wordt op iets ande re, en dat er trouwens toch geen treinen rijden…. Om 15.00 komt er een groot containerschip van de andere kant en daarna één van onze kant. Wij kunnen er achteraan, samen meteen paar andere bootjes. Direct na de sluis verordonneert Hanneke “Hier stoppen We! Ik wil niet verder! En dan morgen, blijven we slapen in onze jachthaven! Gezellig! Met de regen op het dak en zo….’ Daarover blijkt niet te praten, niet te onderhandelen, niets! (Die garnalenhersentjes hebben zich muurvast, zeg maar ‘keivast’ daarin vastgebeten! Tsja en als soft type, wat doe je dan? Echte kerels…., maar softies die leggen gedwee aan. (Natuurlijk proberen ze nog wel het aanleggen een beetje te saboteren, maar ja….) En zo liggen we dus, op zowat loopafstand van huis, naast een autoweg, bijna tegenover een nationele beroemdheid (?) ‘Bram Patat’ gelegen vlak voor MacDonalds, waar hij goede zaken doet bij de klanten van voornoemd reuzenbedrijf, omdat die alleen strokartonnen happen verkopen. We liggen daar dan honger en dorst te lijden vanaf half vier (alle restjes moeten eerst op!). En om het half uur komt hier ook nog zo’n enorm containerschip voorbij…. Lekker rustig noemt ze dat….

Na lezing van dit stukje concludeert Hanneke dat er werkelijk helemaal, helemaal niks, gebeurt. “Het gaat gewoon helemaal nergens over!” Ik opper nog voorzichtig, dat “Als het dan maar leuk opgeschreven is…”. “Tsja, het gaat gewoon nergens over! Wie is daarin nou geïnteresseerd?” Nou ja, aldus eindigt dus dit schrijfsel, want zelfs als je het leuk opschrijft, is er eigenlijk dit jaar, eigenlijk de afgelopen jaren, zelfs in dit leven, eigenlijk,  helemaal niets gebeurd dat de moeite waard is… (Met het allerlaatste stukje is Hanneke het dus weer niet eens…)

PS Het geeft troost dat een paar lezers/lezeressen de stukjes wel leuk vonden, in elk geval de stukjes uit voorgaande jaren. En zelf heb ik er trouwens de grootste lol in gehad.

10. Hete nachten

Maandag 23 juli blijven we nog een dagje aan de Kabbelaarsbank liggen. Chih Ling gaat zwemmen en inspecteert ook ons onderwaterschip. Er zit bij de boeg wat aangroei, maar de rest is schoon, ook de schroef. Roel en Gerda komen vlak voor Chih Ling liggen. Tony en Chih Ling verwachten ook nog  Canadese kennissen, Jim en Liz, die ze kennen uit Griekenland. Later kwamen ze elkaar weer tegen op de Rhône. Hij komt inderdaad tegen twee uur en vinden een plekje aan de volgende steiger. Op de Pescador wordt voor hen een feestje georganiseerd met hapjes, drank en muziek. Tegen half negen wordt de boel opgebroken. Het is een warme nacht.

Dinsdag staan we vroeg op. De Pescador gaat water tanken en daarna ergens ankeren. Wij gaan richting Ossenhoek. Daar besluiten we een rondje Hompelvoet te zeilen. Het gaat heel, heel langzaam: eerst 0,5 knoop, maar later ‘zelfs’ 2,5. We ankeren om 13.00 uur vlak onder de ZW-hoek van de Hompelvoet. Een uur later komt de Pescador daar ook liggen, een uur later gevolgd door Jim en Liz en, nog een uur later, ook door de Cazador van Koos en Nelleke. We borrelen op de boot van Jim en Liz, een zwaar en op oceaanreizen ingericht schip. (Jim wil hem voor een heel schappelijke prijs verkopen want ze gaan terug naar Canada. Jammer dat het binnen zo’n puinhoop is! Niemand telt €25.000 neer voor een varen varkenssnot! Zo wordt het dus lastig verkopen.) Het wordt een heel rustige avond en we zien een grazend ree op de kant.

Woensdag worden we wakker onder een loodgrijze  hemel. Het blijkt tamelijk vlakbij geonweerd en geregend te hebben en de wind is 180 graden gedraaid. Op de radio horen we dat wat we zien ‘uitdovende buien’ zijn. Nou dat hoop ik dan maar, want voor een onweersbui met wind liggen we hier niet helemaal safe. Het valt mee: we zien een paar uitgebluste buien passeren, maar er gebeurt niets. Tegen tien uur verkassen we naar de Ossenhoek. We vinden daar een prima plekje, met de Pescador aan de overkant. Later volgen de Casador en de Quesederia van Jim en Lis ook, op verschillende plekken. De bewolking lost op en het wordt zelfs weer vrij warm! Tegen vijven gaan we op een plekje in de schaduw van wat bomen gezellie borrelen en liedjes spelen, totdat het daar om half negen een beetje fris begint te worden. Het wordt een vrij zwoele nacht, als aankondiging voor wat komen gaat….

Donderdag begint warm en zeer zonnig, terwijl het laatste zomerzuchtje de geest geeft. Het haventje stroomt vrijwel helemaal leeg. Op de radio horen we verwachte temperaturen van 31 graden aan zee tot 37 in het binnenland… Misschien een lokaal klapje onweer ’s middags. Inderdaad is het om tien uur al zo warm dat Hanneke bijna een appelflauwte krijgt als ze even een rondje eiland wandelt. Door de aanhoudende NO-wind lukte het de afgelopen weken niet om naar de Wadden te varen. Diezelfde wind zorgt ook voor kwallensoep. (Gelukkig steken deze kwallen niet.) Ik blijf vandaag en morgen zoveel mogelijk in de schaduw en binnen: daar is het maar 29 graden om twaalf uur. Als ik kalm op m’n rug ga liggen in het vooronder is dat best uit te houden. Desnoods doe ik een ventilatortje aan. Morgen schijnt het nog erger te worden! (Zeker door al die zweterige bouwvakkers hier in de buurt!) Chih Ling stuurt een beschrijving van de boot van Jim toe voor een advertentie. Het is een zeer volledig schip met een indrukwekkende lijst van technische uitrustingsstukken, rijp voor een oceaanreis. (Wat hij alleen vergeet te vermelden is dat de binnenkant volledig uitgewoond en vies is. Geen mens zal $25.000 uitgeven aan een varende varkensstal met mest- en steekvliegen binnen!! Zelf zal hij het niet opruimen, dus de verkoop wordt een drama!) Het wordt steeds warmer. Om vijf uur is het in de kajuit ruim 32 graden en er staat maar heel af en toe een zuchtje wind. Pas tegen negen uur wordt het koeler. In de verte zien en horen we een onweersbui, maar wij krijgen alleen vijf minuten windvlagen. Het trekt aan ons voorbij. Teleurstellend.

Vrijdag begint, zoals voorspeld was, heel warm en winderig. Omdat de wind verkoelend werkt schuur ik ’s ochtends voor het ontbijt het grootste deel van de schuurlijst. (Die zag er langzamerhand echt smerig uit!)  De laatste meter is net buiten mijn bereik en komt later nog wel. Daarna in de teakcleaner en dan in de teakolie. Het wordt 34 graden en tegen de avond worden onweersbuien voorspeld, dus blijven we vandaag nog even liggen. Veel helpen doet dat overigens niet, want morgen, zaterdag 28, wordt een flinke weersomslag voorspeld met wind, buien en onweer… Dat lijkt ons wel lekker, zo’n verkoeling na al die hete nachten. In elk geval wordt deze nacht een stuk koeler. Tijdens de maansverduistering is het bewolkt en Tegen middernacht begint het plotseling flink te waaien en komen buien aanzetten. We zetten snel de kuiptent op en vlak daarna valt de eerste verkoelende bui, gevolgd door een paar stevige andere.

Zaterdag is het grijs en waait het. Toch is het niet koud. De verwachting is windkracht 4 tot 5, mogelijk 6 en bij Vlissingen en Hoek van Holland mogelijk 7, later via zuid naar west en terug, met de wind van achteren. Vandaag blijven we dus ook liggen, want ankeren is vrij onbeschut. ’s Avonds ontdekken we in de koelkast een volkomen verfrommeld doosje. Tot onze stomme verbazing zitten er toch nog vijf, gave (!) eieren in. Even later komen Tony en Chih Ling borrelen tot over elven. Met het lampje van Tony erbij is dat heel gezellig

Zondag worden we wakker doordat de boot heftig ligt te rukken. De wind is gedraaid en er lopen flinke golven de haven in. Andere boten gaan heftig te keer, maar bij ons valt het eigenlijk wel mee, hoewel we net op het hoekje van de ingang liggen. Later draait de wind iets naar het zuiden en liggen we weer prinsheerlijk. Alleen neemt nu het klapperen en fluiten weer toe met de wind. De verwachting is vanmiddag 6, mogelijk 7 met regen. Dus wij blijven opnieuw liggen. Later horen we dat de Pescador ook blijft. Het wordt een echt, ouderwets soort zondag: grijs, saai, geen moer te beleven. Uiteindelijk app ik Gerrit en Hedy maar eens, want daar hebben wij lang niets meer van gehoord. Gelukkig gaat het daar goed, tenminste overwegend. En dan gaan we morgen maar boodschappen doen en, misschien, een keertje uit eten.

9. Zomer in Zeeland

Maandag 16 juli blijkt uit het bezoek aan de specialiste in Leiderdorp dat mijn bloedwaarden een vrij gunstige uitslag laten zien.  Daar zijn we wel blij om: het had ook wel ongunstiger uit kunnen pakken! Wel blijf ik onder 4-maandelijkse controle. Terug op de Schelpenkade, besluiten we eerst naar Noordwijk te rijden om nieuwe gitaarsnaren te kopen. Daarna rijden we (met enig oponthoud) terug naar de Middelplaat. Het is op de boot / boten vreselijk warm. Voor ons aan de steiger ligt een bootje met een heleboel kinderen, allemaal meisjes. Ze liggen in het water, vermaken zich en gillen, zoals meisjes van 5 tot 10 dat doen. Het is ontzettend warm tot zeven uur en dan plotseling koelt het af, de wind draait 180 graden en in de verte zien we een loodgrijze lucht. Onze buurman zegt dat er onweer in de buurt is. Dat blijkt te kloppen, maar het trekt allemaal ver van ons voorbij langs.

Dinsdag waait het behoorlijk, precies van achteren de kuip in. Bovendien is het behoorlijk fris. Onze buren draaien de boot om en wij doen dat uiteindelijk ook. Daarna vervang ik de gitaarsnaren: een fijn geluidje maakt de gitaar weer! Dan een berichtje van neefje Jon en Jet. Ze zitten in een huisje op de Roompot, bij Ouddorp. Ze komen morgen om een uur of tien langs met Vesper en Rebel. Ze vragen of de boot wel veilig is voor peuters van 2 en 0 jaar, ook zonder zwemvest. Ik denk het wel. Chih Ling komt vertellen dat het filmpje van ons, gitaar spelend voor Hannekes verjaardag, is mislukt. Tony had de camera aan staan terwijl ze rondliep en – om te filmen – juist tijdens het liedje op het knopje gedrukt en dus uitgezet. (Nou ja, ik ken iemand die een hele huwelijksreportage op die manier heeft gemist….) Van de consternatie laat ik twee broodjes vallen, vanzelfsprekend met het beleg op de vloer… Gelukkig kun je bij ons van de vloer eten, en dat doen we dan ook maar…

Woensdag is het warm, zonnig en windstil. Zowat iedereen aan deze steiger vertrekt nog voor 10 uur. We krijgen een berichtje dat Rebel nog slaapt (een supergave! Zeker de hele nacht gestookt….) Nou, wij hebben niets te doen, dus Hanneke gaat de voor een peuter toegankelijke stukken van de boot schoon en baby-proof maken. Jon en Jet komen Tegen elf uur aan met een flinke berg spullen. We eten een appelflap, resp gevulde koek en Rebel wordt in het vooronder gestald in haar draagwieg. De opstappers lijkt het wel leuk om een eindje te varen, zeker als daar een strandje is. Vesper is al heel snel over haar aanvankelijke verlegenheid heen en wil alles onderzoeken. Als we langs de waterdoorlaat varen zien we een zeehond. Hanneke leert haar daarna dat zo’n ‘groot groen ding’ een boei is en dat die niet varen omdat ze vast liggen aan de grond. Dat herhaalt ze dan ook bij elke volgende boei: “die kan niet varen, want die ligt vast.” Ook de masten van zeilboten op afstand herkent ze toch al snel: “kijk, nog meer stokken!” Op de Ossenhoek zien we een meisje van een jaar of 16 met haar moeder krabbetjes vangen. Zíj blijken op hun boot ook nog een kinderzwemvest te hebben. Dat mogen we even lenen, net als de krabbetjes hengel. Heel aardig! En zo, binnen 5 minuten na aankomst, staat Jon met Vesper al krabbetjes te vangen op de steiger…. Daarna gaan ze naar het strandje: ook heel leuk als je 2 jaar bent! Het is hier veel drukker dan de vorige keren. In de verte zit een klein meisje luidkeels Sinterklaasliedjes te zingen, gruwelijk vals. (Desoriëntatie van tijd en plaats! Niet zo best…) Net over enen wordt Rebel wakker en begint te huilen. Ik stuur een berichtje en loop even naar het strandje. Hanneke blijkt door Vesper omgedoopt tot ‘oma zusje’ (Els is Hannekes zusje en Vespers oma.) Daarna lunchen we in de kuip. Vesper wil wel even liggen in de achterkajuit, maar bepaald niet om te slapen. Tegen drie uur besluiten we terug te gaan omdat Jon en Jet ook nog boodschappen willen doen. Vespers mag even sturen. Ze snapt uitstekend dat ze aan het stuurwiel moet draaien, maar waarheen interesseert haar volstrekt niet. Dat leidt tot een enigszins bizarre koers. Tijdens het sturen wijst ze op de grote moer waarmee het stuurwiel vast zit en zegt: “Dat is de toeter!” Ze kijkt nog een keer naar het gat in de moer en zegt “Oh, de toeter is kapot.” (Verbazingwekkend,, zo snugger, dat soort constateringen voor een kind van 2!) We leggen bij de Middelplaat weer even aan bij een boot uit Eindhoven zodat Jon en Jet met hun hele hebben en houwen af kunnen stappen. Daarna varen we terug naar de Ossenhoek. Onderweg zeggen we tegen elkaar wat een ontzettend leuk, grappig en slim grietje Vesper is. Het was een ontzettend leuk bezoekje. Op de Ossenhoek ligt de Pescador aan de steiger. Wij kunnen naast hen aanmeren en – een uurtje later – achter hen meren aan de steiger. We snacken wat en gaan daarna op de Pescador muziek maken. Wat later komen ook Mart en Tine langs tot iedereen tegen half twaalf te kooi wil.

Donderdag is het opnieuwstralend zonnig en er is vannacht een hoop dauw ontstaan. De Pescador gaat naar het eilandje ‘Dwars in de weg’ en ‘de Stampersplaat’ om de paarden te filmen. Wij verleggen en draaien de boot en gaan de boel schoonmaken. Ik doe het dek en plan het kajuitdak. Hanneke maakt alle RVS vrij van vlekken en roest. Zíj is net zo blij als ik met de nieuwe dekwaspomp: ze staat alsmaar vanuit de heup te spuiten…. De middag verloopt verder heel gezapig: ik doe een middagdutje, Hanneke poetst de scepters van de railing, Chih Ling komt langs, roeiend, om te vertellen dat hij voor de haven achter een anker ligt en we krijgen een aardige buurman met een mooi, maar piepklein bootje. Hij heeft maar 40 cm diepgang, een gaffeltuigje met kluiver en een kajuitje waar hij eerst alles uit moet halen om er te kunnen slapen. Hij is met dat bootje tot Zaltbommel gezeild! Hij wilde via de IJssel naar Friesland, maar na de drukte op de Waal heeft hij besloten terug te gaan. Hij heeft dat allemaal in z’n eentje gevaren. (Wel een prestatie!) Hanneke gaat voor tien uur ’s avonds te kooi en ik volg een uur later.

Vrijdag 20 juli loopt de Ossenhoek al om half negen leeg. Merk-waardig: gisteren was het nog bomvol! Wij gaan water tanken in Scharendijke en dan naar de Kabbelaarsbank. De Pescador ligt daar al achterin en wij vinden ook een plekje, twee steigers verder. Als ik wil aanleggen staan er allemaal behulpzame mensen klaar om een lijntje aan te pakken. Ik gebruik de boegschroef (en wel 5 keer de verkeerde kant op, wat tot veel hilariteit leidt….) Onze buren blijken aardige mensen te zijn, die ook in N-Frankrijk en op Wight zijn geweest met hun bootje, een Dufour 3800 (staat voor het gewicht) uit Numansdorp. Hanneke gaat met de auto mee om boodschappen te doen en eenmaal terug, gaat ze opnieuw rvs poetsen. Het is blijkbaar erg bevredigend en het wordt ook wel mooi! Alsmaar complimenten dus.

Zaterdag wil iedereen (behalve ondergetekende) met de auto naar de schippertjesdagen in Bruinisse. We zien de dijken nu eens van een andere kant en het landschap daarachter is eigenlijk best gevarieerd. Na tal van piepkleine, oude dorpjes blijkt Bru al van verre afgesloten voor verkeer. We kunnen de auto kwijt bij de ‘nieuwe’ Jachthaven en moeten verder lopen. Bij de vissershaven is het behoorlijk druk en er staan een heleboel palingrokerijen voor een kookwedstrijd. Ze kosten overal € 18.50 per pond. We lopen de hele markt rond tot achterin het dorp. Terug zien we een prima drumgroep met dikke, dunne, mooie en lelijke oudere drummers in wijde harembroeken die een heftige en leuke drum-show te beste geven. Ze hebben de toepasselijke naam ‘Rammen rammen. Na Bruinisse rijden we terug over Ouddorp. Tony hoopte daar paling te kopen. Helaas blijkt daar vandaag geen enkele palingroker te vinden te zijn. (Die staan allemaal in Bruinisse!) We drinken een biertje op het terras van het pannenkoekenhuis en gaan dan weer naar de boot. ’s Avonds maken we weer een beetje muziek op de Marlijn.

Zondag komt er een plek vrij naast de Pescador en verleggen we onze boot twee steigers, naaast de Pescador. Daarna gaat Chih Ling ergens bij Maasdam kijken naar een op internet aangeboden nieuwe genua en de dames gaan mee. Het wordt een beetje bewolkt, maar blijft warm en droog. Ze zijn om vijf uur ’s middags terug: Chih Ling met een splinternieuw zeil, waarvan het voorlijk  helaas wel 20cm te lang is.

8. Surprise party!

Donderdagochtend 12 juli is de wind weg en de zon ook. Voor de komende dagen wordt overal warm en zonnig weer voorspeld, behalve aan de kust…. Bovendien is het knap fris. Ton, van de Santé komt even langs en brengt weer een krant mee. Het blijft de hele dag winderig en koud, maar vanaf een uur of twee tot zes komt er wel een zonnetje bij. Op de Pescador krijgen ze bezoek van Patty, een aardig ex-schoonzusje, die in Serooskerke tijdelijk op een boerderijtje met dieren past. Ik ga het andere potdeksel schuren, wat weer tot veel commentaar van Chih Ling leidt. Bijna halverwege de zijkant vind ik het te koud en ook wel genoeg voor vandaag. Hanneke loopt een beetje te ‘mopperen’ dat ze eigenlijk een surprise party wil met haar verjaardag. Ik reageer met ‘Dat heb je heus wel eens, een soort van… gehad”, maar echt helpen doet het niet. (Wel een heel klein beetje zielig, natuurlijk! Altijd mee met die boot, altijd ergens in verweggistan, nooit vriendinnetjes in de buurt, nooit kadootjes met je verjaardag, altijd eenzaam en alleen… Eigenlijk wel heel errug zielig!….) ’s Avonds gaat Hanneke om half acht slapen. Ze heeft last van ‘het zuur en is rillerig. Dat is voor mij een goeie gelegenheid om met Tony en Chih Ling te overleggen over zaterdag. We hebben namelijk een complotje…. Hanneke hoopt dus al jaren op een surprise party, maar dat zit er eigenlijk nooit in. Nu gaan we toch proberen daar iets aan te doen. We hebben beide een liedje voor Hanneke gemaakt, we hebben hier aardige mensen leren kennen, en John en Ludy komen vanuit Limburg hier een weekendje heen, ‘een minivakantie’! Intussen heb ik ook de feestvlaggetjes teruggevonden en Tony heeft ook nog twee slingers oranje vlaggetjes. Tony en Chih Ling gaan morgen boodschappen doen en kunnen dan ook wel stiekum taart en spullen voor hapjes meenemen zonder dat Hanneke dat ziet. Zo wordt het misschien toch nog een klein surprise-partijtje…

Vrijdag is het eerst half bewolkt, maar al snel overheerst de zon. Hanneke is helemaal opgeknapt. Zelfs zover dat ze zegt dat ze “dan maar afziet van een surprise party en niets aan haar verjaardag hoeft te doen….” (Nou ja, het wordt in elk geval een verrassing!) In de loop van de ochtend schuur ik de andere helft van het potdeksel en zet het daarna in de teak-cleaner. Misschien kan ik het straks ook nog in de teak-olie zetten! De Pescador verhuist tegen het middaguur naar de Middelplaat en belt even later dat ze een plek aan de binnenkant hebben. Wij blijven nog eventjes liggen. Misschien vanavond, of anders morgenochtend vroeg, vaar ik daar ook heen. Als ik halverwege ben met de teakolie, belt Chih Ling dat er nu een plek vrij komt, zowat naast hen. We starten de motor, gooien los en zijn een kwartiertje later daar. Opeens liggen we uit de wind, in de zo’n! Prinsheerlijk! Ik maak het potdeksel af en  reken de boodschappen af die zij voor ons hebben gedaan. Ze komen daarna bij ons nog even borrelen. Wij eten lofsla, patatten en een perfecte varkensoester. Daarna nog wat nagaren in de zon.  Hanneke blijkt toch een heel klein beetje ongerust over taart op haar verjaardag en over borrelhapjes… Uiteindelijk mompel ik dat Tony wel wat voor ons heeft meegenomen. Ook blijkt, tot mijn verrassing, dat zij eigenlijk aan het eind van de komende week weer naar Leiden wil omdat het slechter weer wordt.

Zaterdag is het 14 juli en dus Hannekes verjaardag. Ik ben vroeg op en hang veelkleurige verjaardagsvlaggetjes aan de bezaan en de hoofdmast en tussen beide masten in nog oranje vlaggetjes van Tony. Als Hanneke wakker wordt ziet ze het eerst helemaal niet. Als ze die toch ontdekt zegt ze meteen “haal weg!” Maar daar pieker ik niet over. Roel en Gerda komen aan en leggen vast, vlak voor ons. Dan komen Tony en Chih Ling met taart en felicitaties, Roel en Gerda ook, met een schilderijtje naar keuze en Belgische bonbons. Tony heeft voor Hanneke een heel decoratief en handig olielampje gemaakt! Daarna eten we de taart bij de koffie op de boot. (Dat past maar net aan: de schipper zit dus maar binnen en verricht hand- en spandiensten, zoals het serveren van de koffie en taart…. ) Ook stromen er allerlei felicitaties binnen via internet. Pas tegen twee uur ’s middags keert de rust terug. Dan, om vier uur komen Ludy en John aan op de fiets. Hanneke zit te lezen en heeft niets in de gaten. Als ze haar zusje en zwager ziet is ze helemaal van slag: dat had ze nu echt niet verwacht! Intussen zijn Tony en Gerda en Chih Ling bezig om bij een barbeque-tafel verderop hapjes en dingetjes klaar te zetten. Dus verplaatst de boel zich daarheen. Chih Ling en ik nemen de gitaren mee en spelen twee verjaardagsliedjes, speciaal voor Hanneke gemaakt. (Daarna worden het meer de meezingers.) Het gezelschap breidt zich al snel uit met Ardje en Willem, een vriendin van hen met partner, Joyce en haar man Wim-Peter en vrienden van hen… Tegen acht uur ’s avonds wordt het erg fris en besluiten we op te breken. John en Luud blijven nog Irish Coffee drinken (2), want ze zijn toch op de fiets….. Zíj vertrekken vlak voor twaalven op de fiets naar hun tentje bij een boer nabij Ellemeet. Ruim na middernacht verzucht Hanneke dat dit toch echt wel een surprise party was, mede door Luud en John en ondanks het gemis van haar vrienden en vriendinnen thuis. Ook de hulp van Tony en Chih Ling was onbetaalbaar. Wel heeft ze nog een klein wensje: nu weer eens een echt feest organiseren…..

Zondag: opnieuw is het zonnig! Ik ruim de vlaggetjes op, we wassen af en gaan met een berg wasgoed, samen met Toni en Chih Ling met de auto naar Leiden. Daar blijkt dat we Lieke nogal overvallen: na een avondje stappen in A’dam had ze ons nog niet thuis verwacht. Ze wilde net verder schoonmaken, maar tja… We gaan voor het huis op het bankje zitten, want in de tuin is het te warm. Om vijf uur begint het WK en daarna gaan we naar de Griek.

 

7. Lieke op de boot

 Woensdag 4 juli gaan Tony en Chih Ling naar Het haventje van West Repart. Wij blijven nog liggen omdat Lieke hier met de auto aankomt. Ze komt om één uur en daarna gaan we bijna meteen boodschappen doen in Renesse.  Als we terug zijn blijven we toch nog maar een nachtje liggen en we kletsen de hele avond vol. Jeroen belt op dat hij bij het konijn Djoekie een jong meeuw heeft aangetroffen. Hij weet niet wat hij ermee aan moet en de dierenambulance komt niet. Uiteindelijk slaagt hij erin om de meeuw in het afgescheiden deel van de tuin te krijgen en geeft hem een bakje met water. We moeten maar hopen dat hij dat overleeft. Grotere meeuwen durven namelijk niet in onze tuin te landen, dus dat wordt nog een probleem.

Donderdag is weer een stralende dag, windstil en we bellen even met Chih Ling. We kunnen daar terecht, desnoods aan hun boot. Terwijl wij daarheen varen worden we gebeld door Pieter, de huidige eigenaar van de Klaasje, onze LM27. Als we bij west Repart aankomen is er net een boot vertrokken en kunnen we naast de Pescador aan de steiger. Zij moeten om half tien naar een begrafenis en ik kan meerijden naar Leiden om bloed te laten prikken. Thuis aangekomen blijkt de jonge zeemeeuw nog te leven. Hij lijkt niet van brood te houden maar moet toch iets eten! Ik slaag er met enige moeite in om hem via de poort naar de kade te dirigeren. Misschien dat zijn ouders hem daar terugvinden…. Een uurtje later zie ik hem daar zwemmen, terwijl twee volwassen meeuwen iedereen aanvallen die ook maar iets te dichtbij komt. Volgens mij is dat niet omdat ze hem beschouwen als lekker hapje voor vanavond maar uit oprechte ouderliefde. De terugweg naar de Grevelingen loopt langs vele wegen… (Zó kunnen we nu met recht zeggen dat we de industriegebieden de Botlek en de beide Maasvlaktes hebben doorkruist…. ’s Avonds vermaken we de andere bootjes met een muzikaal onthaal.

Vrijdagochtend begint grijs, maar gelukkig klaart het snel op. Wij varen naar Port Zeelande om brood te kopen en daarna naar de Ossenhoek. Voor Lieke is het echt een heel nostalgisch tripje. Zelfs zozeer, dat ze eigenlijk vaker naar de Grevelingen wil komen. Nu Jeroen nog zien over te halen! We kunnen op de Stampersplaat een uurtje naast de Orion (een vs Stad 34) van Ruud en Judith aanmeren. Zij liggen ook in haven oost in Warmond. Hanneke en Lieke lopen een rondje over het eiland. Dan vertrekken we weer en varen via Bommenede en de Archipel naar de rand van de Hompelvoet om daar te ankeren. Tegen vijven varen we weer naar de Ossenhoek. Daar blijkt het nu heel druk, met veel dubbel geparkeerdeboten. Wij kunnen langszij bij de buren van afgelopen nacht. ’s Avonds gaan we op de Pescador nog even de verlenging en strafschoppen van Kroatië-rusland kijken. De dames krijgen nog een lekkere whisky en dan naar bed.

 Zondag worden we wakker na een vrij onrustige nacht. Het heeft de hele nacht vanuit de verkeerde hoek naar binnen gewaaid en de boten lagen naast elkaar te rukken, piepen en kreunen. Ook de buren hebben dat gemerkt en watjes in hun oren gedaan. Om tien uur varen we naar buiten en rollen de Genua uit. Het gaat zo langzaam dat de windmeter en het log niets aangeven. Na een uurtje varen we dan toch maar op de motor door de Krabbengeul naar de Middelplaat. Daar blijkt er ruimte te over te zijn. Lieke ruimt haar spullen bij elkaar, gaat met Hanneke nog even volleyballen en dan gaan we boodschappen doen, voordat Lieke weer naar Leiden vertrekt. ’s Middags komen twee mensen langs van een zeilboot de ‘San Antonio’, Jacqueline en Bert, die geïnteresseerd zijn in onze kaarten van Frankrijk en mogelijk van de Middellandse zee. We wisselen telefoonnummers uit en spreken af dat zij naar Leiden komen als wij daar weer terug zijn. Mar en Tine met vrienden komen voor ons liggen. Ze gaan vanavond uit eten in Scharrendijke. De rest van de middag en avond blijft het heel rustig.

Maandag gaan we om 9 uur naar Scharrendijke om water te tanken. Als we daarna naar de Ossenhoek varen komen we de Adamante van Piet tegen. Op de Ossenhoek zien we de Pescador en Casador naast elkaar liggen. Wij leggen een stekkertje verderop aan. Even later komt de Adamante ook hier binnen varen. Piet grapt dat wij hem al de hele tijd achterna varen. Roel en Gerda komen even later aan. Koos en Nelleke hebben een tafel ‘gedekt en daar verzamelt zich een heel gezelschap met – voor ons – als nieuwelingen Kees (de “sport”-visser) en Gonnie, ook Hagenezen. Kees heeft een heleboel haringen meegenomen en gaat die samen met Tony kaken. Eerst wordt er een frisje gedronken, maar al snel worden bier en diverse steviger dranken aangevoerd. Ook de gitaren worden gehaald en worden twee liedje op Roels verjaardag gezongen. Het tweede liedje maakt Roel, maar vooral Gerda, aan het huilen van emotie. Het wordt en blijft een vrolijke boel. Op een gegeven moment staat een magere man met een hondje achter ons te kijken. In een flits zeg ik ‘U heet toch niet toevallig Pieter?’ ‘Jazeker’ zegt de man! Het is de koper van ons vorige bootje, de Klaasje! Hij ligt vlakbij aan de steiger. (Helemaal onverwacht is het eigenlijk ook weer niet: hij had ons vorige week al gebeld dat hij hier in de buurt was met z’n bootje.) Hij had mij, en ik hem, helemaal niet herkend. We spreken af om elkaar later te zien. Tegen één uur of half acht breken we het feestje op. Inmiddels ziet het weer er behoorlijk dreigend uit, maar er gebeurt niets. Om half negen gaan we even bij de Klaasje kijken. Hij ziet er behoorlijk onverzorgd uit, maar er zijn ook wat nieuwe dingen, zoals een rol-grootzeil, self-tailing lieren, een kaartplotter en een nieuwe tent. Als we op het bootje zijn valt ons vooral op hoe ruim hij eigenlijk is voor z’n lengte! Een uurtje later gaan we terug. Op de Marlijn maken we het tentje dicht, want alles wijst op regen.

6. Zon, wind en water

Op de Pescador komen zoon Chung en z’n vriendin Jolie tegen vieren aan. Chung is stevig geërgerd door allerlei files. Ze gaan met z’n vieren uit eten. Wij ook, trouwens: patat met biefstuk, extra mals gemaakt met Toni’s malsmaker (mafmaker). Piet Sap en vriendin (Ghilaine) komen even buurten. Ze zijn nieuwsgierig of wij hebben gezien wie hun bijbootje trachtte te ontvreemden. Dat was niet het geval: zijn touwtjes waren zo rot, dat het bootje er aan één kant er spontaan doorheen zakte. Daarna heeft Chih Ling de andere kant ook laten zakken, zodat het motortje geen risico liep onder water te raken. Intussen neemt de wind gestaag toe, draait naar ZO, van achteren en wordt kouder. De voorspellingen zijn niet zo gunstig: we krijgen vannacht de wind – en dus de golven – met 5 Beaufort vrijwel recht van achteren, van 6 km door de havenopening – op de kont.

Zondagochtend 1 juli blijkt dat de voorspellingen klopten, zelfs wel iets te gematigd waren: ZO 6 Bf en af en toe oplopend tot 7. De hele nacht heeft het geklotst, gefloten, gegierd en geknerpt. Aan overkant zijn vannacht al een paar bootjes van ellende weggegaan en vanochtend de rest, behalve Piet. Op de Pescador en op de Marlijn hebben de schippers lekker geslapen, maar wel als enigen! De rest heeft een doorwaakte nacht beleefd… De Grevelingen ziet wit van de schuimkoppen. In het haventje lopen flinke golven naar binnen en onze boot ligt recht achter de haveningang te hobbelen. Met een extra lijn op de kant is het onrustig maar wel veilig. Voor de komende dagen schijnt dit zo door te gaan. Ik vind dus dat we beter voor anker kunnen gaan liggen, maar de bemanning wil dat persé  niet… Intussen lijkt het erop dat OLH mijn gebed heeft verhoord: bij de stoelgang hoorde ik vanochtend nog maar een heel klein beetje van dat angstaanjagende geborrel in de zwartwatertank! Dank u OLH, dus! Ik zal het nooit meer doen! Overigens valt mij ook hier een eigenaardig fenomeen op: hoewel sommige mensen hier met een groot comfortabel jacht aan de steiger liggen, spoeden zij zich om half negen, met strandstoelen, parasols, zonnetenten, tafeltjes en koelboxen naar het enige struikje op de kant, om zich daar van een plekje te verzekeren….. Ik herinner me nog uit de 50-er jaren, dat bij Zandvoort op het immense strand vol kuilen, ook bepaalde strandgangers feilloos een bepaalde kuil herkenden en onder het roepen “Das ist unsere Keule!” aanspraak maakten op die twee vierkante meter zand…. Vreemd geval van adaptatie…! (En, aldus schrijvend over mijn momenten van verbijstering, kom ik de dag wel door.) Om een uur of één komen de Pescadores weer terug van een wandelingetje naar het strand. Onderweg zagen ze dat de Middelplaat vrijwel onbezet was. Daar liggen we wel minder onaangenaam. Hanneke wordt helemaal zenuwacht van het vooruitzicht hier met zoveel wind te vertrekken. Gelukkig gaat dat probleemloos. Bij de Middelplaat hebben we keus te over! We leggen aan bij een steiger naar het oosten. Een uur later zijn de windvoorspellingen gewijzigd: overmorgen is dit de lager wal of, nog erger, waait de wind weer schuin van achteren de kuip in…. Het is dus nooit goed! In elk geval liggen we de rest van de middag heerlijk met de wind pal van voren, zodat wij in het zonnetje en de beschutting zitten. Ik maak een enorme berg goed gevulde saus met pasta: nog zeker voor twee dagen, eventueel met drie personen. Hanneke valt om tien uur ongeveer om en gaat naar bed. Morgen een nieuwe dag!

Maandag begint uitbundig zonnig, maar het wappert ook wel weer flink, schuin van voren. Piet Sap komt aanvaren en vraagt of hij bij ons kan aanleggen. Dat lijkt mij niet zo’n aangenaam idee: aan de lage wal met de wind toenemend in sterkte en dwars op de boot. Gelukkig roept onze Belgische achterbuurman dat hij zo gaat vertrekken. Piet legt voor tijdelijk aan, maar zo dat de achterbuurman er niet uit kan. Als hij los gooit rollen alle stoorwillen bij ons op het dek en schraapt hij met nogal wat voorgesteld lang onze boot. Als Hanneke “ho!” roept, gaat hij volgas in z’n achteruit, met een soortgelijk effect… Met 4 man kunnen hem zover afduwen dat hij zonder verdere schade te maken weg kan varen. Dan is de buurman aan de beurt: ook dat gaat met veel motorgeweld, bijna fout, maar uiteindelijk is die toch ook zonder brokken vertrokken. Piet kan in het gaatje. Dan gaat Hanneke de achterkajuit schoonmaken. Alles moet eruit, met water en zeep, stofzuigen, matten kloppen, poetsen en zeemen…. Tegen één uur is het klaar en zitten we uit te rusten (van onvermoeibaar toejuichen raak je ook bekaf!). Dan komt Piet vragen of een van ons mee wil om boodschappen te doen…. Nou Hanneke natuurlijk best wel! En zo heb ik dan de rest van de middag vrij, zeg maar. ’s Avonds eten we dus pasta. We lopen gevieren naar de waterdoorlaat (van/naar de zee). Daar zien we aardig wat zeehonden die hier hun Luilekkerland hebben gevonden: bij instromend water hoeven ze alleen maar hun bek open te sperren en de lekkerbekjes zwemmen zo het keelgat in! Geen wonder ook dat er een paar zijn met overgewicht. Toni en Chih Ling komen op de boot en Chih Ling en ik spelen wat ouwe zooi en proberen ‘Crazy little ting, called love ‘ van Queen te spelen. Echt soepel gaat het nog niet. Tony voelt zich niet lekker en gaat wat eerder naar bed en tegen twaalven storten wij ook in bed. Intussen is het stevig gaan waaien en we liggen behoorlijk te hobbelen aan lagerwal.

Dinsdag is wel prachtig zonnig, maar er waait opnieuw een stevige en schrale NO wind. Ik schuur de bankjes en zet ze in de teakolie. Dat konden ze duidelijk gebruiken! Hanneke gaat met Chih Ling en Tony naar het informatiecentrum voor de Grevelingen. Ze komt opgetogen terug: het gebouw is helemaal van hout en riet, behalve het skelet. Ze zijn ook boven op het gebouw geweest en daar hadden de een wijds uitzicht, tot Rotterdam. Het wordt een rustige avond, deels doordat we de tent helemaal dichtritsen omdat de wind onaangenaam. ’s Avonds fiedelen we nog wel wat en kijken we nog even naar voetballen op de Pescador.

5. Verlossing van verstopping

Week 5
Maandag 25 juni gaat Hanneke met Tony en Chih Ling ’s ochtends naar de supermarkt. In de tussentijd vervang ik dan eindelijk het pompje van het toilet. Wat een takkenklus! Ik kan er eigenlijk niet goed bij doordat de pot vrijwel tegen het toiletkastje aangebouwd is. Uiteindelijk lukt het, maar lekt het… Dan, na gevloek en gepers, is ook de lekkage verholpen en hoeft alleen de pestzooi nog opgeruimd worden. Van pure blijdschap ga ik vandaag tien keer op het potje! Intussen is de Pescador vertrokken naar het eilandje ‘Dwars in de weg’, vlak voor Brouwershaven. Morgenochtend gaan ze naar de tuigerij in Brouwershaven omdat hun Genua niet meer goed in de rail gehesen kan worden. Die kan dat dan aanpassen.  Wij blijven nog even liggen wachten op mooi weer. Tegen de middag zien we geleidelijk wat blauwe plekken tussen de wolken en af en toe breekt een waterig zonnetje door. Vanuit de verte zien we dat het verder naar het binnenland helemaal blauw wordt. De bewolkingsapp laat zien dat er langs de kust een langgerekte smalle strook bewolking hardnekkig stand houdt. We besluiten van de kust weg te gaan, richting zonnig weer. Bovendien begint het water een beetje schaars te worden. Dus gaan we eerst water tanken en dan richting de ‘Ossenhoek’. In Scharrendijke zien we dat binnendrijvende wolken boven het dorp oplossen. Op de Ossenhoek blijkt zowaar een plekje in onze favoriete hoek vrij te zijn. Als we aangelegd hebben bedenk ik nog een paar kleine klusjes en verder zitten we heerlijk in het zonnetje, met een biertje in de ene en zoutjes in de andere hand. Ik val in slaap en ben – als Hanneke me wekt – volledig de kluts kwijt: ik denk op dat moment dat het ’s ochtends vroeg is en dat ik gewekt word voor het ontbijt…. Zulk weer als de afgelopen uren mag het overigens best wel een paar dagen blijven! De avond vindt gezellig plaats op de Pescador ‘met zang en dans’ op tunes uit de 50-er en 60-er jaren.

 

Dinsdag, 26 juni, vertrekt de Pescador om half negen naar de tuiger in Brouwershaven. Wij schuiven op naar hun plek en nemen wat extra ruimte zodat zij straks terug kunnen als ze dat willen. Anderhalf uur later zijn ze terug. Hun zeil is weer ingeregen en hun windmetertje doet het weer, en dat alles voor 4 tientjes! We zijn er weer helemaal klaar voor met z’n allen. Het wordt prachtig zonnig, maar de wind blijft onaangenaam koud. Hanneke wil daarom het tentje er voorlopig nog even op houden, zodat ze uit de wind in het zonnetje kan zitten. ’s Middags gaan we met drie boten ‘pleur de ballen’ spelen (hagenees voor ‘jeu de boules’). Onder luide toejuichingen van de mannen winnen de mannen van de vrouwen. Wij eten daarna de laatste tortilla wraps op: morgen moeten we nu echt iets anders verzinnen.

Woensdagochtend is het begin van een zonnige dag. De wind blijft schraal, maar uit de wind is het lekker. Ik zet de wc-bril goed vast. Vannacht bleek die plots aan een kant los te zitten. Daarna sluit ik het dek-was pompje provisorisch aan. Het werkt prima, maar het uitvogelen van een plek voor een schakelaar houd me nog wel bezig. ’s Middag gaan we op een beschut plekje achter de bomen en bosjes een beetje muziek maken.

Donderdag opnieuw zonnig en winderig! De windrichting is al weken overwegend noordoost. Dat geeft droog, maar flink winderig weer. Chih Ling wil zeilen en daarna naar de Middelplaat. Koos en Nelleke komen op hun plek liggen. Vlak voor ons (op 10 cm!) meert een enorme Duitse motorboot aan: van de waterlijn 3 verdiepingen hoog! Ons uitzicht daar is naar de knoppen…. Later vertrekken ook Roel en Gerda. Op hun plek komt Bram, een ex-collega van Koos. Wj blijven nog een dagje liggen. Ik schuur het potdeksel aan bakboord en zet het nog een keer in de ontwerings-water. Hanneke doet het achterste deel. Ton van de Santė komt even een praatje maken. Het teak kleurt na de behandeling nu echt op als nieuw.  Ton vindt het maar verloren moeite om het teak weer in de olie te zetten. Uiteindelijk s huur ik de hele boel, zet het nogmaals in de ontweringswater, spoel het af en zet het tenslotte in de teak olie. Daarna heb ik flink last van m’n rug, maar het resultaat is dat het er veel beter uitziet.

Vrijdag 29 juni is prachtig zonnig. Nelleke en Koos blijk zoveel jaar getrouwd te zijn. Veel felicitaties dus. De Duitse motorboot voor ons vertrekt weer en wij gaan nu ook weg, naar de Kabbelaarsbank. De wind is stevig en erg fris voor de tijd van het jaar…. Bij het invaren van het haventje komen we eventjes op de keien te zitten, hoewel ik een behoorlijk eind van het dammetje af was gebleven. Met wat motorgebrul zijn we er wel zo weer vanaf, maar vervelend is het wel. Het haventje ligt helemaal vol, maar we kunnen met enige moeite bij de Pescador langszij. Meteen worden er plannen gemaakt om boodschappen te gaan doen in Scharrendijke. Ook Piet Sap ligt hier en hij wil graag een eindje meerijden, want zijn auto staat bij West-Repart, een kilometer of vier verderop.  De boodschappen zijn snel gedaan. De rest van de middag wordt besteed aan lezen, hangen, kletsen en zulke dingen. Ik probeer een grote boodschap en het pompje doet het prima, maar er ontstaat toch weer een verstopping in de afvoerleiding. Dat is wel zorgelijk, maar ik blijf hopen op verlossing door oplossing….. ’s Avonds eten we patat met ‘coleslaw’ en een schnitzel. Vanaf een uur of acht hangt er een helikopter hinderlijk rond boven het ‘concert at sea’ en ons. (Pas tegen 11 uur verdwijnt dat kreng!) Blijkbaar is de Grevelingen opeens ontzettend populair om met helikopters te kloten, want de afgelopen dagen zijn we urenlang getuigen geweest van allerlei bewegingen, soms ook heel laag boven het water. Geruchten gingen dat er foto-shoots werden gemaakt voor een boatshow, maar daar namen ze dan wel de tijd voor! Vandaag dus het concert… Vlak achter de Pescador ligt een mooi zeiljacht met een weinig toeschuitelijk ogend stel met twee kleine, freggel-achtige mopshondjes erop. Toch kan een jong stel bij hen aanleggen. Zodra ze liggen, duiken er ook twee kinderen op. Tsja, die willen dus wel de wal op. En terug… En weer heen…. Na een tijdje komen ze terug met nog drie kinderen en met nóg een pappa en een mamma! Dan wordt het echt gezellig op dat bootje. De kinderen gaan nog even de kant op… Dit alles onder de steeds verder verzurende blik van de twee eigenaars van het schip van overpad. (Alleen de hondjes vinden het wel geinig, dat verkeer…) Intussen is de wind stevig toegenomen en, tegen 10 uur, ook flink frisser geworden. Hanneke duikt al vroeg onder de wol, eerst met de e-reader, maar al snel alleen. Ik volg tegen donker na het schrijven van het logboek.

Zaterdag 30/06 heeft een stralend begin. De wind is oostelijk en nog schraal, maar om een uur of acht is het al veel beter. We raken aan de praat met de achterburen. Ze blijken aanzienlijk gezelliger dan ik aanvankelijk dacht. Zij willen met hun schip, een ‘Hood’, naar de Middellandse zee. Chih Ling geeft ze zijn film/presentatie over de Franse kanalen. Ze blijken ook geïnteresseerd in onze kaarten en pilots. Ze wonen in Steenbergen. Ik geef ze een visitekaartje. Op de Pescador komen Chung Ming en zijn vriendin langs. Wij gaan vandaag verder met rommelen aan de boot.
(Wat hiervoor gebeurde)

Inleiding bij logboek 2018

Na onze ‘wereldreis’ zijn we in september 2017 in Nederland aangekomen. Na enig lijflijk onderhoud aan de schipper was het schip, de Marlijn, echt wel aan de beurt. Ooit eerder had ik me nogal verbaasd dat onze vriend Gerrit zo weinig deed aan onderhoud van hun boot toen zij op de Middellandse zee rond voeren. Inmiddels weet ik beter: het leven dáár vergt zoveel van een mens, dat het eigenlijk wel een wonder mag heten dat die lui daar überhaupt nog iets uitvoeren! Zo ook verging het ons / mij…. Maar eenmaal terug in Leiden moest ik er toch echt tegenaan. Uiteindelijk kon ik – naar mijn gevoel tenminste – pas ‘echt aan de slag toen de masten er weer op gezet waren door Hans Jansen, de tuiger. Helaas begon het toen ook weer zo ontzettend te jeuken om te varen, dat we luttele dagen later vertrokken naar de Grevelingen, alwaar onze vrienden Tony en Chih Ling met de Pescador al twee weken eerder waren gearriveerd. Dit – en het kan niet genoeg benadrukt worden – geheel tegen de wens, het dringend advies, het bevel haast, van de schippersvrouw in… (De afgelopen jaren had zij – volgens haar zeggen – zó gesmacht naar een zomer in eigen tuin, dat ik al was begonnen met het ronselen van een alternatieve bemanning….) Toch, achteraf bezien had zij wel een puntje…. Het gevolg is dat de schipper nu – terwijl iedereen lustig van het leven geniet – de schipper, die heeft allerlei klussen, achterstallig onderhoud, nieuwe probleempjes, enzovoorts. Dat weerhoudt de schipper er niet van om zeer geregeld een rookpauze te houden, een biertje in te nemen of zelfs, samen met vrienden een autotochtje te maken naar feesten in de omgeving, of, prozaïscher, mee te moeten winkelen. Op die manier gaan de klussen wel wat minder snel, maar blijft de schippersvrouw enigszins tevreden.

Hierna dus een eerste verslag van de eerste paar weken op de Grevelingen. De late verschijning van dit logboek werd veroorzaakt doordat de internetverbinding met een nieuw apparaat meer vragen opriep dan de schipper aanvankelijk wist te beantwoorden. Opgemerkt kan worden dat ook de inhoud wat anders van karakter is: geen avontuurlijke gebeurtenissen meer, maar het leven van alledag van een alledaags stel, enigszins op leeftijd en aldus een beetje versleten.

Week 1, eind mei 2018
Vrijdagochtend vertrekken we op de vouwfietsjes van huis. Om 10.05 uur gooien we los en varen langzaam langs de jachthavens naar het Joppe. Dan gaat het gas erop: naar de Ringvaart, de Heymanswetering en de Oude Rijn. Vlak voor Alphen moeten we even wachten. Dan, stapvoets, door Alphen naar de Gouwe. De spoorbruggen lijken voorlopig dicht, maar dan komt een vrachtschip van de andere kant. Ook wij mogen door mits we binnen een minuut gepasseerd zijn. Volgas! En het lukt. De hefbruggen duren allemaal eventjes en dan zijn we toch tegen drie uur in Gouda. We maken ons klaar om daar een paar uur te wachten, maar dan wordt ook hier de brug geopend voor een vrachtschip van de andere kant. Maar wij mogen ook door! Hanneke wil eigenlijk stoppen, maar na de sluis wil ik eigenlijk nog wel even door. Dus jakkeren we met stroom mee de Hollandse IJssel af en om zes uur kunnen we door de sluis bij Krimpen aan de IJssel. Dan gaan we nog even door naar Krimpen aan de Lek. Dat blijkt om 19.30 uur een piepklein haventje met erg gezellige mensen. We kunnen alleen met grote moeite de box in, maar het lukt.

Zaterdagochtend ben ik om 06.30 uur op. Een half uur later zijn we onderweg naar Dordrecht. Daar schijnen “havendagen” te zijn, dus verwacht ik veel drukte. Maar eerst moeten we bij Alblasserdam 2 uur wachten voordat de brug draait. Dan door naar Dordrecht. De drukte daar valt mee en de bruggen draaien bijna meteen. We kunnen achter een zeeschip meteen door. Op de Dordse Kil hebben we flink wat stroom tegen en er is behoorlijk wat beroepsvaart. Toch zijn we tegen twee uur bij het Hollands diep. In het zonnetje varen we naar de Volkeraksluizen. Die gaan open bij aankomst, dus we kunnen meteen door. Hanneke sputtert wel tegen, maar toch. Net bij het invoeren van de sluis zien we een bekende boot liggen: de Adamas, van Piet Sap. Piet hebben we voor het laatst gezien in Cartagena in zuid Spanje. Hij bleef destijds een tijdje op het Mar Menor, terwijl wij doorgingen, uiteindelijk naar Italië en Griekenland. (Hoewel we roepen en hem via de marifoon proberen te bereiken reageert hij niet.) Ook het Volkerak gaat gezwind en de Krammersluizen en die van Bruinisse zijn snel gepasseerd. In Bruinisse kunnen we bij de gemeentelijk jachthaven een jaarkaart voor de Grevelingen kopen. Ik stuur een berichtje aan Tony en Chih Ling dat we eraan komen. Ze antwoorden direkt: Ja gezellig! Ze liggen op de Kabbelaarsbank. Het bier staat klaar! Als Hanneke weer op de boot is gooi ik dus meteen los. Dan blijkt dat Hanneke zich erop verheugd had dat we nu eindelijk wat korter zouden varen, terwijl ik dacht dat we nu het laatste stukje ook ‘even’zouden doen. Hanneke is echt boos! Ik roep dat het “maar een uurtje” duurt. In feite blijkt dat dan toch iets langer. Intussen is Hanneke wel iets afgekoeld en de ontmoeting is warm en gezellig! Het wordt dus ook tamelijk laat….
Zondag is een beetje saaie dag. Hanneke loopt naar Port Zeelande, een wandeling van een uurtje heen en dito terug. Het is best een lekkere dag, maar ’s avonds komt er koude mist opzetten. We zien een eindje verderop de Santé liggen, maar weten niet of het schip verkocht is of niet. Chih Ling wil de volgende ochtend naar de Middelplaat omdat hun zoon vanuit Venray hen komt ophalen. De daarop volgende dag komen zij dan met hun eigen auto terug naar Zeeland. Het blijft opnieuw de hele dag lekker zonnig met oostenwind. Ook komt de Santé nu naar de steigers aan de Middelplaat. Ik help hem aanleggen en het blijkt inderdaad Ton, de ex van Sjaan, te zijn. Hij weet nog wel vagelijk wie wij zijn. In het weekend gaat hij naar huis, want hij heeft twee kippen. “Dan heb ik een beetje aanspraak, hè” zegt hij.
Dinsdag is opnieuw een lekkere dag. De Middelplaat is redelijk rustig, maar we horen wel voortdurend het verkeer over de Brouwersdam. Tony en Chih Ling komen terug en hebben ook voor ons boodschappen meegebracht.
Woensdag gaan we naar de markt in Renesse. Het is één en al toerisme, maar de markt is wel aardig. Terug gaan we via de jachthavenwinkel in Scharendijke. Thuis ontdek ik dat mijn vest nog in de winkel ligt.

Donderdag is het heel ander weer: het begint nog aardig, maar ’s middags wordt het somber en grijs, met later onweer en regen. We hebben ‘preventief’ de wintertent opgezet, zodat wij overwegend droog blijven. Het meest barre weer trekt aan ons voorbij, maar we horen en lezen dat het elders bar en boos is.
Ook vrijdag is het tamelijk slecht en dan onweert en hoost het zelfs bij ons een poosje. Vanwege de 3-dagenregeling verkassen we weer naar de Kabbelaarsbank. Het blijft miezerig en het wordt heel mistig: minder dan 50 meter zicht! We trekken ons terug in de boot en doen een spelletje Rummycup. Ik ga nipt de ballenbak in doordat Hanneke alle azen heeft. Wat een waardeloos spelletje….

Week 2  

Zaterdag gaan we met de auto met z’n vieren naar Middelharnis. Er zijn daar ‘havendagen’ en iedereen – behalve ik – wil daar naartoe. Ik vind Middelharnis onherkenbaar, maar het is ook zo’n 30 jaar geleden dat wij daar gelegen hebben. Bij de fanfare en het zeemanskoor hebben we het even over Piet Sap, die immers drummer en dirigent is. Dan zie ik opeens Piet met een dame staan! Dat blijkt zijn vriendin te zijn, met wie hij woont in Stad aan het Haringvliet. Het wordt opnieuw een ontzettend gezellig weerzien! (Ons laatste contact was 5 jaar geleden!) Piet nodigt ons uit voor een bakkie koffie op een terrasje. Hij blijkt vorig jaar een onverwachte en ingrijpende open hart operatie te hebben ondergaan. Daarna gaan we langzaamaan terug naar de boot. Achteraf wordt de anekdote verteld dat Piet ooit Tony en Chih Ling uitnodigde voor een kopje koffie. Ze zeiden graag en even later stopt Piet bij een Ikea, waar de koffie gratis is. (Sindsdien heeft Piet de naam nogal zuinig te zijn….)

Zondag ziet het er ’s ochtends onverwacht best aardig uit. We besluiten om te gaan zeilen en vanmiddag aan te leggen aan de Ossenhoek. Het is wel zonnig, maar er staat niet meer dan windkracht 2 of 3. Bij het wegvaren haakt ons anker achter een meerpaal. Afgezien van een gebroken lijntje is er gelukkig geen schade. Wel heel weinig wind en dan is een rondje om de Veermansplaat blijkbaar een heel eind, helemaal met een snelheid van 1 tot 3 knopen…. Pas tegen het eind van de middag komen we boven de 4 knopen voortgang, maar dan zijn we ook weer bij de Ossenhoek. We leggen aan, maar ’s avonds wordt het killer en killer en begint het stevig te misten. We zien de flarden wolken langs de haven trekken, maar het blijft in het haventje lang redelijk helder. Hanneke wil graag een spelletje doen: Rummycup. Ik ga twee keer het schip in, net voordat ik zelf uit kan. Wat een waardeloos spelletje….

Maandag begint heel mistig en koud. Ik doe wat klusjes en tegen één uur klaart het langzaam op en wordt het zelfs aangenaam. Vrienden van Tony en Chih Ling uit Scharrendijke komen langs op de Ossenhoek, Roel en Gerda. Roel is een Kagenaar van geboorte maar spreekt als een heuse Hagenaar. Een heel gezellig stel, en ze vertrekken dan ook uuuuren later. Als Hanneke om half tien in bed wil gaan lezen slaapt ze binnen vijf minuten als een roos. Ik volg een uurtje later, wat uitermate vroeg is voor mijn doen, maar zonder nadelige gevolgen (wakker liggen, tandenknarsen, scheten laten, of zoiets: ik heb er niets van gemerkt.

Dinsdag begint opnieuw grijs, kil en winderig. Het is nog steeds NO-wind. Tegen half twee breekt een zonnetje door, eerst aarzelend, maar al vrij snel echt. Het is zelfs warm in de zon, als je maar uit de wind blijft! Ook die gaat een beetje liggen. Ik doe wat klusjes, zoals een nieuw lijntje aan het anker, schoonmaken, schuren van een kuipbankje en later in de teakolie zetten. De boot ziet er van binnen weer redelijk acceptabel uit en van buiten een beetje. Er is nog een heleboel werk aan de winkel, vooral schoon maken en poetsen! Tegen vieren komen Roel en Gerda borrelen op de Pescador, naast ons. Wij worden ook uitgenodigd en het wordt weer een gezellige boel, met gitaren en zelfs wat samenzang…. Pas tegen acht uur wordt de sessie afgesloten want iedereen moet nog koken en eten. Roel staat met z’n 82 jaar niet meer zo stevig dus we moeten opletten dat hij heelhuids van de boot en de steiger komt. Daarna maak ik macaroni met tomatensaus met hamblokjes, uien, paprika’s en courgette, terwijl Han een Griekse salade fabriekt. Intussen is het wel weer stervenskoud terwijl ook de wind weer aantrekt. We besluiten dus binnen verder te gaan. De vooruitzichten voor morgen zijn wel heel goed, dus daar hopen we dan maar op.

De donderdagochtend begint stralend zonnig, maar niet voor lang. We varen om 10 uur naar Port Zelande om brood te halen. Hanneke blijft een kwartiertje weg en in die periode betrekt het vanuit het zuiden. Als ze terug komt blijkt dat er in deze ‘supermarkt’ ook niet veel meer te koop was dan vers brood: ze gaan over op een andere winkelketen, de Spar, en er was nog maar weinig verkoopbare waar. We varen naar de Stampersplaat waar deze keer vrijwel alleen grotere zeilboten liggen. We meren aan, precies de verkeerde kant op (met wind mee), bedenken we iets later. Meteen begint het te druppelen. Dus maar snel de wintertent erop, want de komende dagen ziet het er hier weer treurig uit. Vanmiddag zware buien, onweer en hagel, morgen zware buien en koude, overmorgen ook zoiets… Een echte vakantie in eigen land. Gelukkig zitten wij droog. Toch wordt het een uurtje later weer aardig: met een zonnetje erbij wordt het zelfs warm! We besluiten de boot maar eens écht grondig schoon te maken. Ruim twee uur later zijn we een eind op weg en het dus ook helemaal zat. Het betrekt weer een beetje en we besluiten dat het tijd is voor een wijntje / biertje. (Morgen is er immers weer een dag.) Het is opmerkelijk stil hier: afgezien van onbeperkt vogelgetierelier horen we nauwelijks iets. De andere buren zijn overwegend oud en der dagen zat, wars van enig vertier. Gelukkig is er een grijze man van een jaar of vijftig die een beetje leven in de brouwerij komt brengen. Hij loopt met een verrekijker rond, in zichzelf mompelend (Bij de Marlijn horen we hem zeggen “Dit is wel een stevige….). Hij blijkt de masttoppen met z’n kijker te bestuderen. Bij onze achterburen krijgt hij de kans een praatje aan te knopen. Wat wij zo opvangen is een volslagen wartaal-verhaal. Hij weet wel de juiste termen, maar haspelt allerlei dingen door elkaar en heeft vreemde theorieën over zeilen en zeilvoering. De buren komen niet eenvoudig van deze man af, daar krijgen ze geen kans voor, want hij blijft maar doorreutelen. En zij gaan er dan toch af en toe op in… Nou ja, uren later…. Intussen nemen wij een nachtegaal (vermoedelijk) waar, vermaken we ons met een heel brutaal hondje dat zo bij onze buren voor aan boord springt om vriendje te worden met de veel grotere hond op die boot, en dat soort dingen. Uiteindelijk taait de man toch zelfstandig af…… En dan wordt het weer stil in dit havenkommetje. We komen dus helemaal tot rust…… Morgen, vrijdag, begint de happening van de Hallberg-rasse club met een borrel en eten, gevolgd op zaterdag door een rondje Grevelingen. Helaas blijkt dat ik ons niet meer kan opgeven: de intekening is al een week geleden gesloten. Overigens zie ik ook dat wij de leden zijn met het alleroudste bootje, uit 1975. Nou ja, dan hoeven wij daar ook niet persé naar toe, zegt Hanneke.
We maken een avondwandelingetje en ontdekken dat het eiland veel begroeider is geworden dan voorheen. De strandjes waar Jelle en Lieke ooit zochten naar de allerkleinste hoorntjes en schelpjes (“Die grote kan iedereen vinden, maar die kleintjes, dát is pas echt moeilijk!” sprak pa ooit huichelachtig) zijn verdwenen. Het zand is weggespoeld, er liggen alleen keien. Duinen zijn overwoekerd door heftige braambossen, er zijn nog nauwelijks paardensporen en struikgewas is uitgegroeid tot volwassen bomen. Het eiland is veel meer ‘natuur’ geworden, maar ook beduidend minder toegankelijk, zeker voor kleinere kinderen.

Vrijdag begint om 7 uur – geheel volgens voorspelling – nat en zeikerig. Toch wordt het langzaamaan droog. Om 9 uur komt het leven hier op gang. Er verschijnen wat pony’s. Om 11 breekt het zonnetje een beetje door. Onze havendwaas vaart rondje in z’n rubberbootje, luid zingend, en roept dat zijn motortje uit 1972 stamt en dat z’n bootje halfvol water staat doordat het lek is. Geen wonder dus, dat dat kleine k..-hondje de hele tijd blaft: die heeft nog geen zin om samen ten onder te gaan. Aan de overkant heeft een onsympathieke Duitse boot al twee uur z’n motor staan draaien om de accu’s weer fit te krijgen voor een avondje tv…. Ik ben begonnen aan één of ander klusje. Om een uur of half drie vind ik het wel welletjes. Pijn in mijn rug en mijn werkspier belemmeren mij ernstig in mijn beweging, dus ik stop ermee. Hanneke heeft in navolging ook weer een bezem ter hand genomen en maakt het dek verder schoon. Zij volgt al ras mijn lichtend voorbeeld en gaat opnieuw een puzzeltje doen. Intussen stroomt het haventje vol met allerlei weekend-gangers, de meeste van rond het Hollands Diep. Er volgen allerlei interessante gesprekken tussen de nieuwkomers, vaak over die lui die naar de Middellandse Zee gaan, waar het allemaal niks kost. Leerzaam hoor, want waar wij geweest zijn was het leven wel iets goedkoper, maar ook weer niet gratis… En dan komt er een bootje dat er niet meer bij past langs de kant. En omdat onze stoorwillen zo uitnodigend klaar hangen… Tja, wel aardige mensen, maar veel contact hebben we niet want zij gaan andersom liggen.

week 3

Zaterdagochtend ben ik heel vroeg wakker na een sprookjes-achtige droom. Tegen tien uur vertrekken wij, en onze buren dus ook. We varen naar Bruinisse. Het weer is wat aardiger dan voorspeld. Vlak voor Bruinisse komt de hele Hallberg Rassy club naar buiten. Een honderd, vooral grote en dure boten. De Marlijn is dus de alleroudste boot van dit gezelschap….. We gaan de haven in om wat boodschappen te doen. De supermarkt is piepklein en heeft bijna niets. De watersportwinkel is peperduur en heeft wel heel veel tegen heel veel geld. We vertrekken weer. Intussen is het best zonnig en het waait stevig vanuit het NNO , dus schuin tegen. De Stampersplaat is vol, de Ossenhoek ook, dus door naar de Middelplaat (hoewel Hanneke Bommenede nog wel ziet zitten). Het wordt ook kouder, de wind harder, maar we zetten door en vinden een gaatje op de Middelplaat. Chih Ling helpt ons aanleggen. Zij gaan boodschappen doen en Hanneke kan mee. Ik ga een klusje doen aan de boegspriet. En dan komt er een grote zeilboot vragen of ze bij ons langszij mogen. Tsja, dat krijg je met de stoorwillen zo uitnodigend klaar hangen…. Als Tony en Chih Ling terug komen gaan we gezellig borrelen op de Marlijn. En aldus schiet het eten er bij in, na al die hapjes en drankjes.

Zondagochtend begint grauw, maar al vrij snel ontstaan gaten in het grijs. Ik zet een bankje in de teakolie. Onze hoogbejaarde en eenkennige achterbuurman, wonend op een afgetakeld barrel van een vrachtscheepje, krijgt een aanval van nostalgie over betere tijden. Hij zet een langspeelplaat met café-muziek op: “Ouwe juffrouw Jansen, die houdt van dansen….” en veel nederlandstalige dukbox-treurnis. Dat gaat een uurtje door, maar de buurman heeft een fijn zintuig: het binnendsmond gemopper bij de buren brengt hem tot zwijgen. Tony en Chih Ling verkassen plotseling van hun plek in de wind, een heel eind verderop, naar een plekje naast ons aan de binnenkant van de steiger. Zus Henny en dochter Joice, alsmede een broer van Chih Ling, Lowry en een zwager Willem komen bij hun buurten. Na wat zoeken vind ik intussen de goede maat splitpennen en zet daarmee beide spanners van de boegspriet weer vast. Ook maak ik een kikkertje aan de mast voor een vlaggenlijntje. In de wind is het onaangenaam koud, in het zonnetje daarentegen, iets te warm. Tegen één uur maken onze buren voorzichtige voorbereidingen om naar Herkingen terug te zeilen. Dan hebben wij ook weer wat uitzicht. Op het moment dat zij wegvaren komt Piet Sap met z’n vriendin op de Adamante aanvaren. Hun auto stond hier al geparkeerd, dus het is niet echt onverwacht. De familie Tseng vermaakt zich, vooral als broer Lowry zegt dat hij de mast wel in durft om het windmetertje op gang te helpen, maar niet verder komt dan de zalingen (6 meter, dus nog niet halverwege). Intussen krijgt Hanneke een aanval van poetslust. Dus zitten we de kuip schoon te maken en te poetsen, en met resultaat! Over vijven vertrekt de familie Tseng weer en wordt het rustig. De bemanning van de Pescador hangt uitgeput in de railing. Ik maak ‘penne’ met pastasaus met ballen, en wel zoveel dat we er drie dagen van kunnen eten. Morgen weer eens een dagje Ossenhoek? ’s Avonds spelen we nog wat liedjes. Ook blijkt Chih Ling nog een nieuwe gasfles te willen halen, water te willen tanken en te verkassen naar de Ossenhoek. Nou, dat komt ons wel heel goed uit: onze brandbare waar (gas en shag) loopt op z’n eindje. Dus we willen graag mee!

Maandagochtend ziet het weer er on 7 uur al best goed uit. Helaas blijkt ons gas op, dus de koffie moet nog even wachten. Tegen half negen duikt Chih Ling op. We kunnen een gastankje van hem lenen. Het komt dus goed uit dat we gas gaan halen: een grote en drie kleine tankje voor ons, één grote voor hem, en …. shag (er zat een angstwekkend gat in de voorraad…). Dat blijkt nog een prijzig geintje! We zijn voor de hele zooi gas bijna € 180 kwijt! Als we terug zijn gooien we los om water te tanken. Daarna naar de Ossenhoek. Daar is het uit de wind warm, echt warm! Wij gaan verder met poetsen; Chih Ling gaat rommelen met z’n bijboot. Op een gegeven moment zie ik – een eind verderop – een Aalscholver in gevecht met een grote paling. Het duurt misschien wel een kwartier, want de paling werkt niet mee! Hij wil persé niet met z’n kop naar binnen. Tsja, en als je hem dan in het midden beet hebt als Aalscholver…. Hanneke maakt de hele kuip brandschoon en weer glimmend. Daarbij steekt mijn strookje gecleande teak maar povertjes af. Maar ja, de cleaner was op…. Als beloning zorg ik voor een douchebeurt voor madame. We eten weer penne met saus. Het blijft prachtig weer, hoewel winderig. Wij liggen in de luwte, dus hebben daar weinig last van. Ton komt met de Santé vlak bij liggen. Tegen de avondschemering wordt het sociale leven hier heel stil, zeg maar nul. Nou ja, dat is ook wel weer rustig, behalve de deining die op een vreemde manier hier de ligplaats binnen komt, haaks op de wind.

Dinsdag 12 juni is het grauw bewolkt. De binnenkomende golven maken onze ligplaats een beetje onrustig, terwijl er toch weinig wind staat. Als er plek komt aan het andere eind van het haventje verkassen we daarheen. Daar liggen we heel rustig en vrijwel helemaal uit de wind. Een prima plekje bij alle windrichtingen en -sterktes! Nu nog wat zon…. Die komt magertjes, tegen het eind van de middag. ’s Avonds spelen we wat en Tony en Chih Ling halen wat oude koeien uit de sloot.

Woensdag begint schitterend, voor even. Dan, na twaalven is het weer lekker zonnig en dat blijft de rest van de middag. Ik voltooid het stromend water, maar de elektrische aansluiting is niet naar m’n zin. Morgen opnieuw kijken. Hanneke schrobt de algen van het dek. Het wordt steeds mooier hier! Woensdagavond laat (het is al donker) horen we opeens allemaal boten vertrekken, na elkaar. Blijkbaar hebben ze alsnog besloten dat de voorspelde windrichting en -kracht 7 teveel voor hun gemoed is. Een Duits bootje komt na een uurtje toch weer terug, met veel misbaar.

Donderdag is een winderige en – af en toe – druilerige dag. Ik zet ons tafeltje in de teakolie. Dat is een hele verbetering. Hoewel gewaarschuwd was voor windkracht 7 tegen het eind van de dag, is het dan juist droog en ook de wind wordt behoorlijk rustig.
Vrijdag begint heel zonnig. Dan trekt er een wolkenveld over en lijkt de pret over. Chih Ling komt om half tien zeggen dat ze naar de Middelplaat gaan. Nou, wij ook dus. Al halverwege zien we dat de Brouwersdam helemaal in het zonnetje ligt. Wij passen precies op een plek aan de steiger. De Pescador gaat een klein eindje verderop aan dezelfde steiger liggen, maar aan de binnenkant. Zij blijken bijna alle bootjes en opvarenden hier te kennen. Onze buren, Willem (loopt rond alsof hij slaapwandelt) en Artje (zoveel lol in sex dat zij er voortdurend vunzige grappen maakt), Mart (klein mannetje met witte baard en snor met opgekrulde punten) en Ien. Een behoorlijk luidruchtig stel bejaarden met bootjes, maar wel gemoedelijk. Langs de waterkant scharrelt hier af en toe een Lepelaar. En vanochtend vloog hij over: een soort zwaan met een lang bek met een lepel aan de voorkant. Vroeger kwamen die bijna niet meer voor in Nederland, maar tegenwoordig schijnen ze weer redelijk vaak voor te komen. We gaan om 11 uur met de auto boodschappen doen: eerst naar Renesse, dan naar Burgh-Haamstede en dan via Scharrendijke weer terug. ’s Avonds barbecuen we op de Pescador. Lekker maar teveel. Tegen negenen begint het behoorlijk te misten, maar een uur later trekt die weer weg.

Week 4

Zaterdag 16 juni begint vrij zonnig, maar dat duurt niet lang. Tony en Hanneke willen naar een marktje in Goedereede. We parkeren bij een oude molen, die we dan ook meteen bekijken. Opmerkelijk hoe geruisloos dat ding staat te draaien! Daarna gaan we naar het marktje, vlak voorbij de kerk. Het is er één met mensen in klederdracht en oude ambachten, aan de ene kant heel primitief, maar ook wel leuk: een barbier, een mandenvlechter, een wasvrouwtje, visrokerijen en allerlei kramen. Zo te zien doet heel het dorp mee. Twee mannen maken muziek, oud-Hollandse liedjes. Ze komen uit Leiden en herkennen Hanneke meteen en zij ‘mag mee’ in hun speciale act: in het midden tussen hen in in een opblaaskano zonder bodem, terwijl zij spelen ‘Ik heb je ooit een keer gezien, …. daar bij de waterkant….’ Ook heel grappig is een kraam met een Goereesche Fruitautomaat: drie mannetjes zitten met een juten zak voor zich. Je ‘koopt voor twee kwartjes drie plastic fruit-dingetjes. Dan mag je twee keer zwengelen aan de arm van een vierde man, de drie maken een sirene-achtig geluid en graaien in de juten zak een eigen fruitje. Als de gezamenlijk fruitjes van de mannen overeen komen met de drie in je hand heb je gewonnen…. Hanneke probeert het twee keer: mis! Dus wil ze nog twee kwartjes….. Weer mis! (Zo komt een gokverslaving dus in de wereld!) Dan komen we een Koos en Nelleke tegen (vrienden van Chih Ling) en genieten we gezamenlijk een koffie met zelfgebakken appeltaart. Als we willen afrekenen beweert de eigenaar dat het al betaald is door een dame. Pas na een hele tijd blijkt dat hij zich vergist heeft en dan moeten we alsnog betalen. Al met al is het wel een gezellig gebeuren. Terug op de boot vraagt een Indische meneer (Harry) een beetje bescheten of zijn vrouw, Lize, misschien ook mag meespelen met de gitaristen. Natuurlijk! Een paar uur later is het zover: we gaan op de kant bij een picknick-tafel spelen. Ze speelt goed en zingt prima (wel erg hoog) maar zo bescheiden dat het voor ons heel moeilijk te volgen is. Dat gaat dan wel moeizaam. Intussen gaat het steeds harder waaien en al haar muziekbladen waaien over de kade. Het toegestroomde publiek – veel oude besjes en hun mannetjes – vinden het een tegenvaller, net als wij….. En zo loopt het dus af, uit als nachtkaars… Wanneer we de gitaren naar de boten brengen, kiest de dikke map met alle liedjes van Chih Ling onverwacht en geheel zelfstandig het ruime sop… Gelukkig slagen we erin de drenkeling tijdig weer aan de wal te krijgen. (Hopelijk blijven z’n teksten leesbaar!) Op de boot, met alle tegenwindse flappen dicht, is het nog zo goed uit te houden dat we hoofdzakelijk vloeibaar eten…. En dan dus maar vroeg naar bed.

De zondag begint eventjes leuk, maar al snel trekt de Hollandse grauwsluier over de dijk en wordt het fris. Ik bestrijk met ontweringswater een groot deel van het potdeksel, maar dan begint het te miezeren. Ook begint het steeds harder te waaien. In het boottentje besluit ik om eindelijk de stuurboord-bakskist eens op orde te brengen. Binnen de kortste keren staan de hele kuip en alle bankjes vol met allerhande zaken: nuttige waren voor een lange trip, maar nu niet meer zo nodig…. Hanneke maakt een foto van de zooi en roept Chih Ling. Ik orden de zaken en ruim de boel weer in, en, vóór het eind van de middag is alles weer pico bello. Eigenlijk heb ik alleen maar een klein kratje weggooi-zooi over! Als ik dat weggebracht heb, vraagt Tony of ik niet ‘hoognodig met Chih Ling voetballen moet kijken. Dan gaat zij even gezellig buurten bij Hanneke. Na het voetballen buurten we allemaal bij Hanneke totdat het om half negen toch echt etenstijd wordt. De rest van de avond duurt zo kort dat daarover niets meer te schrijven valt.
Maandagochtend, 18 juni, hadden we gepland om met volle zeilen naar Bruinisse te varen, maar het druipt en miezert zó vreselijk dat varen echt onaantrekkelijk is. Tony en Hanneke wilden eerst nog boodschappen doen, maar nu duikelen de plannen over elkaar: naar Zierikzee, naar Goes, naar Goes en Zierikzee…. Het laatste plan wordt het: de nieuwe raampjes voor de Pescador bij Goes ophalen, Goes bekijken (winkelen dus), Zierikzee bekijken (winkelen dus) en dan terug via Scharrendijke (winkelen dus, want het bier is in de aanbieding). Aldus geschiedt. In Goes drinken we koffie en eten een grote punt appeltaart, resp. mokkapunt. In Zierikzee eten we een patat met kibbeling. (Hoogst hilarisch is het moment waarop een meneer met kibbeling een stukje in z’n mond steekt en de onbeheerde bak in z’n geheel door een flitsend snelle meeuw wordt weggesnaaid! De meneer doet nog een enorme graai, waardoor de kibbeling op z’n bank belandt. De meeuw kijkt om en ziet alleen nog een leeg bakje. Met een krijs van teleurstelling laat hij dat prompt op de kade vallen. De meneer graait de kibbeling met twee handen bij elkaar en gaat ergens mopperend in een veiliger hoekje zijn restanten opeten.) Om vier uur zijn we terug op de boten. Er is nu wel zon, maar er waait een koude wind onaangenaam recht de kuip in. Alle spullen worden weggepakt en we drinken een glaasje op deze welbestede dag. Honger hebben we niet meer, dus opnieuw een vloeibaar diner rest ons.
Dinsdag gaan we naar Bruinisse. Er staat weinig wind, van achteren en de hemel is grijs. We doen het op de motor om de accu’s bij te laden. Tegen half één zijn we er. In de commerciële jachthaven zijn ze erg vriendelijk: we kunnen blijven liggen, naar de watersportwinkel en de was doen, als we maar voor 16.00 uur vertrekken, want anders moeten we betalen. Hanneke brengt haar zit kussen terug: te onhandig. Ik koop een lampje en wat teak-cleaner. De Pescador komt ook aan, maar ze kunnen geen AVIS in zijn marifoon programmeren. Over drieën gaan we naar de Mosselbank. Daar is het toch wel aangenaam, de laatste paar uur. ’s Avonds spelen we wat liedjes, onder applaus van omliggende boten.
Woensdag ziet het er somber uit. Een Engelsman komt Chih Ling bedanken voor onze muziek. Ook onze achterbuurman, Just, zegt dat hij genoten heeft van de muziek. Aardig! Er was vandaag een zomerse dag voorspeld, maar dit lijkt nergens op! Bovendien waait het. Daarom gaan we onder zeil naar de Stampersplaat. We kunnen het op de Genua net aan bezeilen. De Stampersplaat blijkt mudjevol, dus wordt het de Ossenhoek. Daar kunnen we meren in het meest gunstige hoekje. Bovendien gaat vanaf twee uur de zon schijnen. Ons geluk kan haast niet op. Jammer alleen dat voor de komende week een ‘schapenscheerderskoude’ wordt aangekondigd. (Een koude periode die door schaapherders wordt aangegrepen om de lammeren te scheren, zonder dat die dan last krijgen van zonnebrand… Dat belooft wat dus….)
Donderdag 21 juni, de langste dag van het jaar, begint heel zonnig maar ook heel winderig. Gelukkig komt de wind recht van voren, zodat we lekker in de beschutting van het zonnetje genieten. We nodigen Tony en Chih Ling uit voor koffie met appeltaart met een restje slagroom. Gelukkig brengen ze zelf ook slagroom mee, want onze bus is bijna leeg. Daarna gaat Chih Ling zijn Genua repareren met reparatie-tape, Hanneke wil het eiland rondwandelen en de schipper gaat het potdeksel schoonmaken met een pannenspons en water, alvorens het in teak-cleaner te zetten. De bewolking neemt toe en Hanneke is heel rap terug.  Het wordt echt te koud, zelfs voor doorgewinterde zeelui (die weten wel iets beters te doen). De schipper sluit dus af met een dutje. Als hij weer wakker wordt lijkt het veel rustiger, maar gelukkig is dat van korte duur, want er valt een buitje…. Tegen bier-clock vermant de schipper zich: het potdeksel wordt in een rap tempo in de cleaner gezet! Zelfs de luiwammesen van de Pescador, voor ons, zijn verbijsterd over de – voor hen totaal ongekende – uitstraling van werklust en energie. (Opmerkelijk hoe snel een mens kan werken onder barre omstandigheden….) Gelukkig kan de schipper al na circa bijna 5 minuten gaan genieten van het uitzicht op de resultaten van zijn arbeid, en dat, onder het genot van een goudgele versnapering! We eten daarna aardappeltjes, geglaceerde lof en een overjarige (en dus goed doorbakken) hamburger. ’s Avonds wordt het wel rustiger, maar ook nog veel kouder, 12 graden zegt de thermometer. Als dat zo doorgaat zetten we gewoon de kachel aan of gaan we lepeltje-lepeltje, of zoiets, doen. Gelukkig is het vandaag de kortste nacht….
Vrijdag begint wel zonnig, maar dat is van korte duur. Een grijze deken neemt bezit van het zwerk en de kans op zon de komende uren lijkt nihil. Gelukkig is er nog veel te klussen…. Ik maak de rest van het putdeksel schoon en zet ook dat in de ontweringswater. Het blijft de hele dag hard waaien. ’s Avonds komen Mart en Tine op de Pescador en wij gaan daar ook heen met de gitaar. Hanneke raakt geobsedeerd door de krullen in de snor van Mar. Die blijkt hij erin te zetten met de krultang van z’n vrouw (Scheutje op?!).
Zaterdag heeft Hanneke een houten kop. Het ziet er wel zonnig uit, maar de wind is heel erg fris. We gaan naar Scharrendijke om boodschappen te doen. Bij de afvaart zie ik het laatste dukdalf van de remming over het hoofd. We raken hem met een flinke dreun, maar er is gelukkig geen schade. Bij de Middelplaat vinden we een plekje met voor en achter ca 10 cm ruimte, maar het gaat. De Pescador komt naast ons liggen aan de binnenzijde van de steiger. Dan gaan we boodschappen doe. In Scharrendijke doen we niet alleen een heleboel boodschappen, maar we kopen ook nog een pompje voor het toilet. Helaas blijkt dat niet te passen, maar gelukkig kunnen we het ruilen. Wat een luxe! die auto van Chih Ling. Het blijft – tegen alle voorspellingen in – vrij zonnig. ’s Avonds komt Piet Sap met vriendin langs bij de Pescador. Als zij vertrokken zijn kijken we naar de tweede helft van Duitsland-zweden, met een teleurstellende afloop in de laatste 15 seconden.
Zondag begint met een grotendeels bewolkte hemel. Geleidelijk komt er iets meer zo’n. Hanneke gaat met Tony en Chih Ling naar Port Zelande en naar een nieuw strandtenten daar. Ze lopen terug lang het strand en komen er bij het tunneltje pas achter dat alle doorgangen etc. naar de Grevelingen  zijn afgesloten. Dat is ivm het ‘Concert at Seat komende vrijdag. Gelukkig vinden ze een manier om toch het tunneltje te passeren, want anders hadden ze terug moeten lopen naar Port Zelande. Intussen lijm ik een houten deeltje in de kuipvloer en een bankje. Daarna maak ik 8 Mexicaanse tortilla wraps, voor de Marlijn en de Pescador. Die zijn lekker, maar veel teveel. Hanneke ontfermt zich over de afwas, die na mijn huishouden zeer aanzienlijk is! (Daarna hoef ik van haar nooit meer te koken….) Grappig is ook nog de ontdekking van een nestje met 3 jonge kwikstaartjes in een weggerot deel van de steiger. Die gezellige vogeltjes waren ons al wel opgevallen, elke keer met een soort mos of pluizen in hun snavel, maar het nestje hadden we helemaal niet opgemerkt! Als je diep in dat gat kijkt zie je daar 3 wijd opengesperde bekkies….

2018 – Hollandse gezapigheid

Inleiding bij logboek 2018

Na onze ‘wereldreis’ zijn we in september 2017 in Nederland aangekomen. Na enig lijflijk onderhoud aan de schipper was het schip, de Marlijn, echt wel aan de beurt. Ooit eerder had ik me nogal verbaasd dat onze vriend Gerrit zo weinig deed aan onderhoud van hun boot toen zij op de Middellandse zee rond voeren. Inmiddels weet ik beter: het leven dáár vergt zoveel van een mens, dat het eigenlijk wel een wonder mag heten dat die lui daar überhaupt nog iets uitvoeren! Zo ook verging het ons / mij…. Maar eenmaal terug in Leiden moest ik er toch echt tegenaan. Uiteindelijk kon ik – naar mijn gevoel tenminste – pas ‘echt aan de slag toen de masten er weer op gezet waren door Hans Jansen, de tuiger. Helaas begon het toen ook weer zo ontzettend te jeuken om te varen, dat we luttele dagen later vertrokken naar de Grevelingen, alwaar onze vrienden Tony en Chih Ling met de Pescador al twee weken eerder waren gearriveerd. Dit – en het kan niet genoeg benadrukt worden – geheel tegen de wens, het dringend advies, het bevel haast, van de schippersvrouw in… (De afgelopen jaren had zij – volgens haar zeggen – zó gesmacht naar een zomer in eigen tuin, dat ik al was begonnen met het ronselen van een alternatieve bemanning….) Toch, achteraf bezien had zij wel een puntje…. Het gevolg is dat de schipper nu – terwijl iedereen lustig van het leven geniet – de schipper, die heeft allerlei klussen, achterstallig onderhoud, nieuwe probleempjes, enzovoorts. Dat weerhoudt de schipper er niet van om zeer geregeld een rookpauze te houden, een biertje in te nemen of zelfs, samen met vrienden een autotochtje te maken naar feesten in de omgeving, of, prozaïscher, mee te moeten winkelen. Op die manier gaan de klussen wel wat minder snel, maar blijft de schippersvrouw enigszins tevreden.

Hierna dus een eerste verslag van de eerste paar weken op de Grevelingen. De late verschijning van dit logboek werd veroorzaakt doordat de internetverbinding met een nieuw apparaat meer vragen opriep dan de schipper aanvankelijk wist te beantwoorden. Opgemerkt kan worden dat ook de inhoud wat anders van karakter is: geen avontuurlijke gebeurtenissen meer, maar het leven van alledag van een alledaags stel, enigszins op leeftijd en aldus een beetje versleten.

Eind mei 2018
Vrijdagochtend vertrekken we op de vouwfietsjes van huis. Om 10.05 uur gooien we los en varen langzaam langs de jachthavens naar het Joppe. Dan gaat het gas erop: naar de Ringvaart, de Heymanswetering en de Oude Rijn. Vlak voor Alphen moeten we even wachten. Dan, stapvoets, door Alphen naar de Gouwe. De spoorbruggen lijken voorlopig dicht, maar dan komt een vrachtschip van de andere kant. Ook wij mogen door mits we binnen een minuut gepasseerd zijn. Volgas! En het lukt. De hefbruggen duren allemaal eventjes en dan zijn we toch tegen drie uur in Gouda. We maken ons klaar om daar een paar uur te wachten, maar dan wordt ook hier de brug geopend voor een vrachtschip van de andere kant. Maar wij mogen ook door! Hanneke wil eigenlijk stoppen, maar na de sluis wil ik eigenlijk nog wel even door. Dus jakkeren we met stroom mee de Hollandse IJssel af en om zes uur kunnen we door de sluis bij Krimpen aan de IJssel. Dan gaan we nog even door naar Krimpen aan de Lek. Dat blijkt om 19.30 uur een piepklein haventje met erg gezellige mensen. We kunnen alleen met grote moeite de box in, maar het lukt.

Zaterdagochtend ben ik om 06.30 uur op. Een half uur later zijn we onderweg naar Dordrecht. Daar schijnen “havendagen” te zijn, dus verwacht ik veel drukte. Maar eerst moeten we bij Alblasserdam 2 uur wachten voordat de brug draait. Dan door naar Dordrecht. De drukte daar valt mee en de bruggen draaien bijna meteen. We kunnen achter een zeeschip meteen door. Op de Dordse Kil hebben we flink wat stroom tegen en er is behoorlijk wat beroepsvaart. Toch zijn we tegen twee uur bij het Hollands diep. In het zonnetje varen we naar de Volkeraksluizen. Die gaan open bij aankomst, dus we kunnen meteen door. Hanneke sputtert wel tegen, maar toch. Net bij het invoeren van de sluis zien we een bekende boot liggen: de Adamas, van Piet Sap. Piet hebben we voor het laatst gezien in Cartagena in zuid Spanje. Hij bleef destijds een tijdje op het Mar Menor, terwijl wij doorgingen, uiteindelijk naar Italië en Griekenland. (Hoewel we roepen en hem via de marifoon proberen te bereiken reageert hij niet.) Ook het Volkerak gaat gezwind en de Krammersluizen en die van Bruinisse zijn snel gepasseerd. In Bruinisse kunnen we bij de gemeentelijk jachthaven een jaarkaart voor de Grevelingen kopen. Ik stuur een berichtje aan Tony en Chih Ling dat we eraan komen. Ze antwoorden direkt: Ja gezellig! Ze liggen op de Kabbelaarsbank. Het bier staat klaar! Als Hanneke weer op de boot is gooi ik dus meteen los. Dan blijkt dat Hanneke zich erop verheugd had dat we nu eindelijk wat korter zouden varen, terwijl ik dacht dat we nu het laatste stukje ook ‘even’zouden doen. Hanneke is echt boos! Ik roep dat het “maar een uurtje” duurt. In feite blijkt dat dan toch iets langer. Intussen is Hanneke wel iets afgekoeld en de ontmoeting is warm en gezellig! Het wordt dus ook tamelijk laat….
Zondag is een beetje saaie dag. Hanneke loopt naar Port Zeelande, een wandeling van een uurtje heen en dito terug. Het is best een lekkere dag, maar ’s avonds komt er koude mist opzetten. We zien een eindje verderop de Santé liggen, maar weten niet of het schip verkocht is of niet. Chih Ling wil de volgende ochtend naar de Middelplaat omdat hun zoon vanuit Venray hen komt ophalen. De daarop volgende dag komen zij dan met hun eigen auto terug naar Zeeland. Het blijft opnieuw de hele dag lekker zonnig met oostenwind. Ook komt de Santé nu naar de steigers aan de Middelplaat. Ik help hem aanleggen en het blijkt inderdaad Ton, de ex van Sjaan, te zijn. Hij weet nog wel vagelijk wie wij zijn. In het weekend gaat hij naar huis, want hij heeft twee kippen. “Dan heb ik een beetje aanspraak, hè” zegt hij.
Dinsdag is opnieuw een lekkere dag. De Middelplaat is redelijk rustig, maar we horen wel voortdurend het verkeer over de Brouwersdam. Tony en Chih Ling komen terug en hebben ook voor ons boodschappen meegebracht.
Woensdag gaan we naar de markt in Renesse. Het is één en al toerisme, maar de markt is wel aardig. Terug gaan we via de jachthavenwinkel in Scharendijke. Thuis ontdek ik dat mijn vest nog in de winkel ligt.

Donderdag is het heel ander weer: het begint nog aardig, maar ’s middags wordt het somber en grijs, met later onweer en regen. We hebben ‘preventief’ de wintertent opgezet, zodat wij overwegend droog blijven. Het meest barre weer trekt aan ons voorbij, maar we horen en lezen dat het elders bar en boos is.
Ook vrijdag is het tamelijk slecht en dan onweert en hoost het zelfs bij ons een poosje. Vanwege de 3-dagenregeling verkassen we weer naar de Kabbelaarsbank. Het blijft miezerig en het wordt heel mistig: minder dan 50 meter zicht! We trekken ons terug in de boot en doen een spelletje Rummycup. Ik ga nipt de ballenbak in doordat Hanneke alle azen heeft. Wat een waardeloos spelletje….

Week 2  – Zaterdag gaan we met de auto met z’n vieren naar Middelharnis. Er zijn daar ‘havendagen’ en iedereen – behalve ik – wil daar naartoe. Ik vind Middelharnis onherkenbaar, maar het is ook zo’n 30 jaar geleden dat wij daar gelegen hebben. Bij de fanfare en het zeemanskoor hebben we het even over Piet Sap, die immers drummer en dirigent is. Dan zie ik opeens Piet met een dame staan! Dat blijkt zijn vriendin te zijn, met wie hij woont in Stad aan het Haringvliet. Het wordt opnieuw een ontzettend gezellig weerzien! (Ons laatste contact was 5 jaar geleden!) Piet nodigt ons uit voor een bakkie koffie op een terrasje. Hij blijkt vorig jaar een onverwachte en ingrijpende open hart operatie te hebben ondergaan. Daarna gaan we langzaamaan terug naar de boot. Achteraf wordt de anekdote verteld dat Piet ooit Tony en Chih Ling uitnodigde voor een kopje koffie. Ze zeiden graag en even later stopt Piet bij een Ikea, waar de koffie gratis is. (Sindsdien heeft Piet de naam nogal zuinig te zijn….)

Zondag ziet het er ’s ochtends onverwacht best aardig uit. We besluiten om te gaan zeilen en vanmiddag aan te leggen aan de Ossenhoek. Het is wel zonnig, maar er staat niet meer dan windkracht 2 of 3. Bij het wegvaren haakt ons anker achter een meerpaal. Afgezien van een gebroken lijntje is er gelukkig geen schade. Wel heel weinig wind en dan is een rondje om de Veermansplaat blijkbaar een heel eind, helemaal met een snelheid van 1 tot 3 knopen…. Pas tegen het eind van de middag komen we boven de 4 knopen voortgang, maar dan zijn we ook weer bij de Ossenhoek. We leggen aan, maar ’s avonds wordt het killer en killer en begint het stevig te misten. We zien de flarden wolken langs de haven trekken, maar het blijft in het haventje lang redelijk helder. Hanneke wil graag een spelletje doen: Rummycup. Ik ga twee keer het schip in, net voordat ik zelf uit kan. Wat een waardeloos spelletje….

Maandag begint heel mistig en koud. Ik doe wat klusjes en tegen één uur klaart het langzaam op en wordt het zelfs aangenaam. Vrienden van Tony en Chih Ling uit Scharrendijke komen langs op de Ossenhoek, Roel en Gerda. Roel is een Kagenaar van geboorte maar spreekt als een heuse Hagenaar. Een heel gezellig stel, en ze vertrekken dan ook uuuuren later. Als Hanneke om half tien in bed wil gaan lezen slaapt ze binnen vijf minuten als een roos. Ik volg een uurtje later, wat uitermate vroeg is voor mijn doen, maar zonder nadelige gevolgen (wakker liggen, tandenknarsen, scheten laten, of zoiets: ik heb er niets van gemerkt.

Dinsdag begint opnieuw grijs, kil en winderig. Het is nog steeds NO-wind. Tegen half twee breekt een zonnetje door, eerst aarzelend, maar al vrij snel echt. Het is zelfs warm in de zon, als je maar uit de wind blijft! Ook die gaat een beetje liggen. Ik doe wat klusjes, zoals een nieuw lijntje aan het anker, schoonmaken, schuren van een kuipbankje en later in de teakolie zetten. De boot ziet er van binnen weer redelijk acceptabel uit en van buiten een beetje. Er is nog een heleboel werk aan de winkel, vooral schoon maken en poetsen! Tegen vieren komen Roel en Gerda borrelen op de Pescador, naast ons. Wij worden ook uitgenodigd en het wordt weer een gezellige boel, met gitaren en zelfs wat samenzang…. Pas tegen acht uur wordt de sessie afgesloten want iedereen moet nog koken en eten. Roel staat met z’n 82 jaar niet meer zo stevig dus we moeten opletten dat hij heelhuids van de boot en de steiger komt. Daarna maak ik macaroni met tomatensaus met hamblokjes, uien, paprika’s en courgette, terwijl Han een Griekse salade fabriekt. Intussen is het wel weer stervenskoud terwijl ook de wind weer aantrekt. We besluiten dus binnen verder te gaan. De vooruitzichten voor morgen zijn wel heel goed, dus daar hopen we dan maar op.

De donderdagochtend begint stralend zonnig, maar niet voor lang. We varen om 10 uur naar Port Zelande om brood te halen. Hanneke blijft een kwartiertje weg en in die periode betrekt het vanuit het zuiden. Als ze terug komt blijkt dat er in deze ‘supermarkt’ ook niet veel meer te koop was dan vers brood: ze gaan over op een andere winkelketen, de Spar, en er was nog maar weinig verkoopbare waar. We varen naar de Stampersplaat waar deze keer vrijwel alleen grotere zeilboten liggen. We meren aan, precies de verkeerde kant op (met wind mee), bedenken we iets later. Meteen begint het te druppelen. Dus maar snel de wintertent erop, want de komende dagen ziet het er hier weer treurig uit. Vanmiddag zware buien, onweer en hagel, morgen zware buien en koude, overmorgen ook zoiets… Een echte vakantie in eigen land. Gelukkig zitten wij droog. Toch wordt het een uurtje later weer aardig: met een zonnetje erbij wordt het zelfs warm! We besluiten de boot maar eens écht grondig schoon te maken. Ruim twee uur later zijn we een eind op weg en het dus ook helemaal zat. Het betrekt weer een beetje en we besluiten dat het tijd is voor een wijntje / biertje. (Morgen is er immers weer een dag.) Het is opmerkelijk stil hier: afgezien van onbeperkt vogelgetierelier horen we nauwelijks iets. De andere buren zijn overwegend oud en der dagen zat, wars van enig vertier. Gelukkig is er een grijze man van een jaar of vijftig die een beetje leven in de brouwerij komt brengen. Hij loopt met een verrekijker rond, in zichzelf mompelend (Bij de Marlijn horen we hem zeggen “Dit is wel een stevige….). Hij blijkt de masttoppen met z’n kijker te bestuderen. Bij onze achterburen krijgt hij de kans een praatje aan te knopen. Wat wij zo opvangen is een volslagen wartaal-verhaal. Hij weet wel de juiste termen, maar haspelt allerlei dingen door elkaar en heeft vreemde theorieën over zeilen en zeilvoering. De buren komen niet eenvoudig van deze man af, daar krijgen ze geen kans voor, want hij blijft maar doorreutelen. En zij gaan er dan toch af en toe op in… Nou ja, uren later…. Intussen nemen wij een nachtegaal (vermoedelijk) waar, vermaken we ons met een heel brutaal hondje dat zo bij onze buren voor aan boord springt om vriendje te worden met de veel grotere hond op die boot, en dat soort dingen. Uiteindelijk taait de man toch zelfstandig af…… En dan wordt het weer stil in dit havenkommetje. We komen dus helemaal tot rust…… Morgen, vrijdag, begint de happening van de Hallberg-rasse club met een borrel en eten, gevolgd op zaterdag door een rondje Grevelingen. Helaas blijkt dat ik ons niet meer kan opgeven: de intekening is al een week geleden gesloten. Overigens zie ik ook dat wij de leden zijn met het alleroudste bootje, uit 1975. Nou ja, dan hoeven wij daar ook niet persé naar toe, zegt Hanneke.
We maken een avondwandelingetje en ontdekken dat het eiland veel begroeider is geworden dan voorheen. De strandjes waar Jelle en Lieke ooit zochten naar de allerkleinste hoorntjes en schelpjes (“Die grote kan iedereen vinden, maar die kleintjes, dát is pas echt moeilijk!” sprak pa ooit huichelachtig) zijn verdwenen. Het zand is weggespoeld, er liggen alleen keien. Duinen zijn overwoekerd door heftige braambossen, er zijn nog nauwelijks paardensporen en struikgewas is uitgegroeid tot volwassen bomen. Het eiland is veel meer ‘natuur’ geworden, maar ook beduidend minder toegankelijk, zeker voor kleinere kinderen.

Vrijdag begint om 7 uur – geheel volgens voorspelling – nat en zeikerig. Toch wordt het langzaamaan droog. Om 9 uur komt het leven hier op gang. Er verschijnen wat pony’s. Om 11 breekt het zonnetje een beetje door. Onze havendwaas vaart rondje in z’n rubberbootje, luid zingend, en roept dat zijn motortje uit 1972 stamt en dat z’n bootje halfvol water staat doordat het lek is. Geen wonder dus, dat dat kleine k..-hondje de hele tijd blaft: die heeft nog geen zin om samen ten onder te gaan. Aan de overkant heeft een onsympathieke Duitse boot al twee uur z’n motor staan draaien om de accu’s weer fit te krijgen voor een avondje tv…. Ik ben begonnen aan één of ander klusje. Om een uur of half drie vind ik het wel welletjes. Pijn in mijn rug en mijn werkspier belemmeren mij ernstig in mijn beweging, dus ik stop ermee. Hanneke heeft in navolging ook weer een bezem ter hand genomen en maakt het dek verder schoon. Zij volgt al ras mijn lichtend voorbeeld en gaat opnieuw een puzzeltje doen. Intussen stroomt het haventje vol met allerlei weekend-gangers, de meeste van rond het Hollands Diep. Er volgen allerlei interessante gesprekken tussen de nieuwkomers, vaak over die lui die naar de Middellandse Zee gaan, waar het allemaal niks kost. Leerzaam hoor, want waar wij geweest zijn was het leven wel iets goedkoper, maar ook weer niet gratis… En dan komt er een bootje dat er niet meer bij past langs de kant. En omdat onze stoorwillen zo uitnodigend klaar hangen… Tja, wel aardige mensen, maar veel contact hebben we niet want zij gaan andersom liggen.

week 3 – Zaterdagochtend ben ik heel vroeg wakker na een sprookjes-achtige droom. Tegen tien uur vertrekken wij, en onze buren dus ook. We varen naar Bruinisse. Het weer is wat aardiger dan voorspeld. Vlak voor Bruinisse komt de hele Hallberg Rassy club naar buiten. Een honderd, vooral grote en dure boten. De Marlijn is dus de alleroudste boot van dit gezelschap….. We gaan de haven in om wat boodschappen te doen. De supermarkt is piepklein en heeft bijna niets. De watersportwinkel is peperduur en heeft wel heel veel tegen heel veel geld. We vertrekken weer. Intussen is het best zonnig en het waait stevig vanuit het NNO , dus schuin tegen. De Stampersplaat is vol, de Ossenhoek ook, dus door naar de Middelplaat (hoewel Hanneke Bommenede nog wel ziet zitten). Het wordt ook kouder, de wind harder, maar we zetten door en vinden een gaatje op de Middelplaat. Chih Ling helpt ons aanleggen. Zij gaan boodschappen doen en Hanneke kan mee. Ik ga een klusje doen aan de boegspriet. En dan komt er een grote zeilboot vragen of ze bij ons langszij mogen. Tsja, dat krijg je met de stoorwillen zo uitnodigend klaar hangen…. Als Tony en Chih Ling terug komen gaan we gezellig borrelen op de Marlijn. En aldus schiet het eten er bij in, na al die hapjes en drankjes.

Zondagochtend begint grauw, maar al vrij snel ontstaan gaten in het grijs. Ik zet een bankje in de teakolie. Onze hoogbejaarde en eenkennige achterbuurman, wonend op een afgetakeld barrel van een vrachtscheepje, krijgt een aanval van nostalgie over betere tijden. Hij zet een langspeelplaat met café-muziek op: “Ouwe juffrouw Jansen, die houdt van dansen….” en veel nederlandstalige dukbox-treurnis. Dat gaat een uurtje door, maar de buurman heeft een fijn zintuig: het binnendsmond gemopper bij de buren brengt hem tot zwijgen. Tony en Chih Ling verkassen plotseling van hun plek in de wind, een heel eind verderop, naar een plekje naast ons aan de binnenkant van de steiger. Zus Henny en dochter Joice, alsmede een broer van Chih Ling, Lowry en een zwager Willem komen bij hun buurten. Na wat zoeken vind ik intussen de goede maat splitpennen en zet daarmee beide spanners van de boegspriet weer vast. Ook maak ik een kikkertje aan de mast voor een vlaggenlijntje. In de wind is het onaangenaam koud, in het zonnetje daarentegen, iets te warm. Tegen één uur maken onze buren voorzichtige voorbereidingen om naar Herkingen terug te zeilen. Dan hebben wij ook weer wat uitzicht. Op het moment dat zij wegvaren komt Piet Sap met z’n vriendin op de Adamante aanvaren. Hun auto stond hier al geparkeerd, dus het is niet echt onverwacht. De familie Tseng vermaakt zich, vooral als broer Lowry zegt dat hij de mast wel in durft om het windmetertje op gang te helpen, maar niet verder komt dan de zalingen (6 meter, dus nog niet halverwege). Intussen krijgt Hanneke een aanval van poetslust. Dus zitten we de kuip schoon te maken en te poetsen, en met resultaat! Over vijven vertrekt de familie Tseng weer en wordt het rustig. De bemanning van de Pescador hangt uitgeput in de railing. Ik maak ‘penne’ met pastasaus met ballen, en wel zoveel dat we er drie dagen van kunnen eten. Morgen weer eens een dagje Ossenhoek? ’s Avonds spelen we nog wat liedjes. Ook blijkt Chih Ling nog een nieuwe gasfles te willen halen, water te willen tanken en te verkassen naar de Ossenhoek. Nou, dat komt ons wel heel goed uit: onze brandbare waar (gas en shag) loopt op z’n eindje. Dus we willen graag mee!

Maandagochtend ziet het weer er on 7 uur al best goed uit. Helaas blijkt ons gas op, dus de koffie moet nog even wachten. Tegen half negen duikt Chih Ling op. We kunnen een gastankje van hem lenen. Het komt dus goed uit dat we gas gaan halen: een grote en drie kleine tankje voor ons, één grote voor hem, en …. shag (er zat een angstwekkend gat in de voorraad…). Dat blijkt nog een prijzig geintje! We zijn voor de hele zooi gas bijna € 180 kwijt! Als we terug zijn gooien we los om water te tanken. Daarna naar de Ossenhoek. Daar is het uit de wind warm, echt warm! Wij gaan verder met poetsen; Chih Ling gaat rommelen met z’n bijboot. Op een gegeven moment zie ik – een eind verderop – een Aalscholver in gevecht met een grote paling. Het duurt misschien wel een kwartier, want de paling werkt niet mee! Hij wil persé niet met z’n kop naar binnen. Tsja, en als je hem dan in het midden beet hebt als Aalscholver…. Hanneke maakt de hele kuip brandschoon en weer glimmend. Daarbij steekt mijn strookje gecleande teak maar povertjes af. Maar ja, de cleaner was op…. Als beloning zorg ik voor een douchebeurt voor madame. We eten weer penne met saus. Het blijft prachtig weer, hoewel winderig. Wij liggen in de luwte, dus hebben daar weinig last van. Ton komt met de Santé vlak bij liggen. Tegen de avondschemering wordt het sociale leven hier heel stil, zeg maar nul. Nou ja, dat is ook wel weer rustig, behalve de deining die op een vreemde manier hier de ligplaats binnen komt, haaks op de wind.

Dinsdag 12 juni is het grauw bewolkt. De binnenkomende golven maken onze ligplaats een beetje onrustig, terwijl er toch weinig wind staat. Als er plek komt aan het andere eind van het haventje verkassen we daarheen. Daar liggen we heel rustig en vrijwel helemaal uit de wind. Een prima plekje bij alle windrichtingen en -sterktes! Nu nog wat zon…. Die komt magertjes, tegen het eind van de middag. ’s Avonds spelen we wat en Tony en Chih Ling halen wat oude koeien uit de sloot.

Woensdag begint schitterend, voor even. Dan, na twaalven is het weer lekker zonnig en dat blijft de rest van de middag. Ik voltooid het stromend water, maar de elektrische aansluiting is niet naar m’n zin. Morgen opnieuw kijken. Hanneke schrobt de algen van het dek. Het wordt steeds mooier hier! Woensdagavond laat (het is al donker) horen we opeens allemaal boten vertrekken, na elkaar. Blijkbaar hebben ze alsnog besloten dat de voorspelde windrichting en -kracht 7 teveel voor hun gemoed is. Een Duits bootje komt na een uurtje toch weer terug, met veel misbaar.

Donderdag is een winderige en – af en toe – druilerige dag. Ik zet ons tafeltje in de teakolie. Dat is een hele verbetering. Hoewel gewaarschuwd was voor windkracht 7 tegen het eind van de dag, is het dan juist droog en ook de wind wordt behoorlijk rustig.
Vrijdag begint heel zonnig. Dan trekt er een wolkenveld over en lijkt de pret over. Chih Ling komt om half tien zeggen dat ze naar de Middelplaat gaan. Nou, wij ook dus. Al halverwege zien we dat de Brouwersdam helemaal in het zonnetje ligt. Wij passen precies op een plek aan de steiger. De Pescador gaat een klein eindje verderop aan dezelfde steiger liggen, maar aan de binnenkant. Zij blijken bijna alle bootjes en opvarenden hier te kennen. Onze buren, Willem (loopt rond alsof hij slaapwandelt) en Artje (zoveel lol in sex dat zij er voortdurend vunzige grappen maakt), Mart (klein mannetje met witte baard en snor met opgekrulde punten) en Ien. Een behoorlijk luidruchtig stel bejaarden met bootjes, maar wel gemoedelijk. Langs de waterkant scharrelt hier af en toe een Lepelaar. En vanochtend vloog hij over: een soort zwaan met een lang bek met een lepel aan de voorkant. Vroeger kwamen die bijna niet meer voor in Nederland, maar tegenwoordig schijnen ze weer redelijk vaak voor te komen. We gaan om 11 uur met de auto boodschappen doen: eerst naar Renesse, dan naar Burgh-Haamstede en dan via Scharrendijke weer terug. ’s Avonds barbecuen we op de Pescador. Lekker maar teveel. Tegen negenen begint het behoorlijk te misten, maar een uur later trekt die weer weg.

Week 4 – Zaterdag 16 juni begint vrij zonnig, maar dat duurt niet lang. Tony en Hanneke willen naar een marktje in Goedereede. We parkeren bij een oude molen, die we dan ook meteen bekijken. Opmerkelijk hoe geruisloos dat ding staat te draaien! Daarna gaan we naar het marktje, vlak voorbij de kerk. Het is er één met mensen in klederdracht en oude ambachten, aan de ene kant heel primitief, maar ook wel leuk: een barbier, een mandenvlechter, een wasvrouwtje, visrokerijen en allerlei kramen. Zo te zien doet heel het dorp mee. Twee mannen maken muziek, oud-Hollandse liedjes. Ze komen uit Leiden en herkennen Hanneke meteen en zij ‘mag mee’ in hun speciale act: in het midden tussen hen in in een opblaaskano zonder bodem, terwijl zij spelen ‘Ik heb je ooit een keer gezien, …. daar bij de waterkant….’ Ook heel grappig is een kraam met een Goereesche Fruitautomaat: drie mannetjes zitten met een juten zak voor zich. Je ‘koopt voor twee kwartjes drie plastic fruit-dingetjes. Dan mag je twee keer zwengelen aan de arm van een vierde man, de drie maken een sirene-achtig geluid en graaien in de juten zak een eigen fruitje. Als de gezamenlijk fruitjes van de mannen overeen komen met de drie in je hand heb je gewonnen…. Hanneke probeert het twee keer: mis! Dus wil ze nog twee kwartjes….. Weer mis! (Zo komt een gokverslaving dus in de wereld!) Dan komen we een Koos en Nelleke tegen (vrienden van Chih Ling) en genieten we gezamenlijk een koffie met zelfgebakken appeltaart. Als we willen afrekenen beweert de eigenaar dat het al betaald is door een dame. Pas na een hele tijd blijkt dat hij zich vergist heeft en dan moeten we alsnog betalen. Al met al is het wel een gezellig gebeuren. Terug op de boot vraagt een Indische meneer (Harry) een beetje bescheten of zijn vrouw, Lize, misschien ook mag meespelen met de gitaristen. Natuurlijk! Een paar uur later is het zover: we gaan op de kant bij een picknick-tafel spelen. Ze speelt goed en zingt prima (wel erg hoog) maar zo bescheiden dat het voor ons heel moeilijk te volgen is. Dat gaat dan wel moeizaam. Intussen gaat het steeds harder waaien en al haar muziekbladen waaien over de kade. Het toegestroomde publiek – veel oude besjes en hun mannetjes – vinden het een tegenvaller, net als wij….. En zo loopt het dus af, uit als nachtkaars… Wanneer we de gitaren naar de boten brengen, kiest de dikke map met alle liedjes van Chih Ling onverwacht en geheel zelfstandig het ruime sop… Gelukkig slagen we erin de drenkeling tijdig weer aan de wal te krijgen. (Hopelijk blijven z’n teksten leesbaar!) Op de boot, met alle tegenwindse flappen dicht, is het nog zo goed uit te houden dat we hoofdzakelijk vloeibaar eten…. En dan dus maar vroeg naar bed.

De zondag begint eventjes leuk, maar al snel trekt de Hollandse grauwsluier over de dijk en wordt het fris. Ik bestrijk met ontweringswater een groot deel van het potdeksel, maar dan begint het te miezeren. Ook begint het steeds harder te waaien. In het boottentje besluit ik om eindelijk de stuurboord-bakskist eens op orde te brengen. Binnen de kortste keren staan de hele kuip en alle bankjes vol met allerhande zaken: nuttige waren voor een lange trip, maar nu niet meer zo nodig…. Hanneke maakt een foto van de zooi en roept Chih Ling. Ik orden de zaken en ruim de boel weer in, en, vóór het eind van de middag is alles weer pico bello. Eigenlijk heb ik alleen maar een klein kratje weggooi-zooi over! Als ik dat weggebracht heb, vraagt Tony of ik niet ‘hoognodig met Chih Ling voetballen moet kijken. Dan gaat zij even gezellig buurten bij Hanneke. Na het voetballen buurten we allemaal bij Hanneke totdat het om half negen toch echt etenstijd wordt. De rest van de avond duurt zo kort dat daarover niets meer te schrijven valt.
Maandagochtend, 18 juni, hadden we gepland om met volle zeilen naar Bruinisse te varen, maar het druipt en miezert zó vreselijk dat varen echt onaantrekkelijk is. Tony en Hanneke wilden eerst nog boodschappen doen, maar nu duikelen de plannen over elkaar: naar Zierikzee, naar Goes, naar Goes en Zierikzee…. Het laatste plan wordt het: de nieuwe raampjes voor de Pescador bij Goes ophalen, Goes bekijken (winkelen dus), Zierikzee bekijken (winkelen dus) en dan terug via Scharrendijke (winkelen dus, want het bier is in de aanbieding). Aldus geschiedt. In Goes drinken we koffie en eten een grote punt appeltaart, resp. mokkapunt. In Zierikzee eten we een patat met kibbeling. (Hoogst hilarisch is het moment waarop een meneer met kibbeling een stukje in z’n mond steekt en de onbeheerde bak in z’n geheel door een flitsend snelle meeuw wordt weggesnaaid! De meneer doet nog een enorme graai, waardoor de kibbeling op z’n bank belandt. De meeuw kijkt om en ziet alleen nog een leeg bakje. Met een krijs van teleurstelling laat hij dat prompt op de kade vallen. De meneer graait de kibbeling met twee handen bij elkaar en gaat ergens mopperend in een veiliger hoekje zijn restanten opeten.) Om vier uur zijn we terug op de boten. Er is nu wel zon, maar er waait een koude wind onaangenaam recht de kuip in. Alle spullen worden weggepakt en we drinken een glaasje op deze welbestede dag. Honger hebben we niet meer, dus opnieuw een vloeibaar diner rest ons.
Dinsdag gaan we naar Bruinisse. Er staat weinig wind, van achteren en de hemel is grijs. We doen het op de motor om de accu’s bij te laden. Tegen half één zijn we er. In de commerciële jachthaven zijn ze erg vriendelijk: we kunnen blijven liggen, naar de watersportwinkel en de was doen, als we maar voor 16.00 uur vertrekken, want anders moeten we betalen. Hanneke brengt haar zit kussen terug: te onhandig. Ik koop een lampje en wat teak-cleaner. De Pescador komt ook aan, maar ze kunnen geen AVIS in zijn marifoon programmeren. Over drieën gaan we naar de Mosselbank. Daar is het toch wel aangenaam, de laatste paar uur. ’s Avonds spelen we wat liedjes, onder applaus van omliggende boten.
Woensdag ziet het er somber uit. Een Engelsman komt Chih Ling bedanken voor onze muziek. Ook onze achterbuurman, Just, zegt dat hij genoten heeft van de muziek. Aardig! Er was vandaag een zomerse dag voorspeld, maar dit lijkt nergens op! Bovendien waait het. Daarom gaan we onder zeil naar de Stampersplaat. We kunnen het op de Genua net aan bezeilen. De Stampersplaat blijkt mudjevol, dus wordt het de Ossenhoek. Daar kunnen we meren in het meest gunstige hoekje. Bovendien gaat vanaf twee uur de zon schijnen. Ons geluk kan haast niet op. Jammer alleen dat voor de komende week een ‘schapenscheerderskoude’ wordt aangekondigd. (Een koude periode die door schaapherders wordt aangegrepen om de lammeren te scheren, zonder dat die dan last krijgen van zonnebrand… Dat belooft wat dus….)
Donderdag 21 juni, de langste dag van het jaar, begint heel zonnig maar ook heel winderig. Gelukkig komt de wind recht van voren, zodat we lekker in de beschutting van het zonnetje genieten. We nodigen Tony en Chih Ling uit voor koffie met appeltaart met een restje slagroom. Gelukkig brengen ze zelf ook slagroom mee, want onze bus is bijna leeg. Daarna gaat Chih Ling zijn Genua repareren met reparatie-tape, Hanneke wil het eiland rondwandelen en de schipper gaat het potdeksel schoonmaken met een pannenspons en water, alvorens het in teak-cleaner te zetten. De bewolking neemt toe en Hanneke is heel rap terug.  Het wordt echt te koud, zelfs voor doorgewinterde zeelui (die weten wel iets beters te doen). De schipper sluit dus af met een dutje. Als hij weer wakker wordt lijkt het veel rustiger, maar gelukkig is dat van korte duur, want er valt een buitje…. Tegen bier-clock vermant de schipper zich: het potdeksel wordt in een rap tempo in de cleaner gezet! Zelfs de luiwammesen van de Pescador, voor ons, zijn verbijsterd over de – voor hen totaal ongekende – uitstraling van werklust en energie. (Opmerkelijk hoe snel een mens kan werken onder barre omstandigheden….) Gelukkig kan de schipper al na circa bijna 5 minuten gaan genieten van het uitzicht op de resultaten van zijn arbeid, en dat, onder het genot van een goudgele versnapering! We eten daarna aardappeltjes, geglaceerde lof en een overjarige (en dus goed doorbakken) hamburger. ’s Avonds wordt het wel rustiger, maar ook nog veel kouder, 12 graden zegt de thermometer. Als dat zo doorgaat zetten we gewoon de kachel aan of gaan we lepeltje-lepeltje, of zoiets, doen. Gelukkig is het vandaag de kortste nacht….
Vrijdag begint wel zonnig, maar dat is van korte duur. Een grijze deken neemt bezit van het zwerk en de kans op zon de komende uren lijkt nihil. Gelukkig is er nog veel te klussen….
Dinsdag gaan we naar Bruinisse. Er staat weinig wind, van achteren en de hemel is grijs. We doen het op de motor om de accu’s bij te laden. Tegen half één zijn we er. In de commerciële jachthaven zijn ze erg vriendelijk: we kunnen blijven liggen, naar de watersportwinkel en de was doen, als we maar voor 16.00 uur vertrekken, want anders moeten we betalen. Hanneke brengt haar zit kussen terug: te onhandig. Ik koop een lampje en wat teak-cleaner. De Pescador komt ook aan, maar ze kunnen geen AVIS in zijn marifoon programmeren. Over drieën gaan we naar de Mosselbank. Daar is het toch wel aangenaam, de laatste paar uur. ’s Avonds spelen we wat liedjes, onder applaus van omliggende boten.
Woensdag ziet het er somber uit. Een Engelsman komt Chih Ling bedanken voor onze muziek. Ook onze achterbuurman, Just, zegt dat hij genoten heeft van de muziek. Aardig! Er was vandaag een zomerse dag voorspeld, maar dit lijkt nergens op! Bovendien waait het. Daarom gaan we onder zeil naar de Stampersplaat. We kunnen het op de Genua net aan bezeilen. De Stampersplaat blijkt mudjevol, dus wordt het de Ossenhoek. Daar kunnen we meren in het meest gunstige hoekje. Bovendien gaat vanaf twee uur de zon schijnen. Ons geluk kan haast niet op. Jammer alleen dat voor de komende week een ‘schapenscheerderskoude’ wordt aangekondigd. (Een koude periode die door schaapherders wordt aangegrepen om de lammeren te scheren, zonder dat die dan last krijgen van zonnebrand… Dat belooft wat dus….)
Donderdag 21 juni, de langste dag van het jaar, begint heel zonnig maar ook heel winderig. Gelukkig komt de wind recht van voren, zodat we lekker in de beschutting van het zonnetje genieten. We nodigen Tony en Chih Ling uit voor koffie met appeltaart met een restje slagroom. Gelukkig brengen ze zelf ook slagroom mee, want onze bus is bijna leeg. Daarna gaat Chih Ling zijn Genua repareren met reparatie-tape, Hanneke wil het eiland rondwandelen en de schipper gaat het potdeksel schoonmaken met een pannenspons en water, alvorens het in teak-cleaner te zetten. De bewolking neemt toe en Hanneke is heel rap terug.  Het wordt echt te koud, zelfs voor doorgewinterde zeelui (die weten wel iets beters te doen). De schipper sluit dus af met een dutje. Als hij weer wakker wordt lijkt het veel rustiger, maar gelukkig is dat van korte duur, want er valt een buitje…. Tegen bier-clock vermant de schipper zich: het potdeksel wordt in een rap tempo in de cleaner gezet! Zelfs de luiwammesen van de Pescador, voor ons, zijn verbijsterd over de – voor hen totaal ongekende – uitstraling van werklust en energie. (Opmerkelijk hoe snel een mens kan werken onder barre omstandigheden….) Gelukkig kan de schipper al na circa bijna 5 minuten gaan genieten van het uitzicht op de resultaten van zijn arbeid, en dat, onder het genot van een goudgele versnapering! We eten daarna aardappeltjes, geglaceerde lof en een overjarige (en dus goed doorbakken) hamburger. ’s Avonds wordt het wel rustiger, maar ook nog veel kouder, 12 graden zegt de thermometer. Als dat zo doorgaat zetten we gewoon de kachel aan of gaan we lepeltje-lepeltje, of zoiets, doen. Gelukkig is het vandaag de kortste nacht….
Vrijdag begint wel zonnig, maar dat is van korte duur. Een grijze deken neemt bezit van het zwerk en de kans op zon de komende uren lijkt nihil. Gelukkig is er nog veel te klussen…. Ik maak de rest van het putdeksel schoon en zet ook dat in de ontweringswater. Het blijft de hele dag hard waaien. ’s Avonds komen Mart en Tine op de Pescador en wij gaan daar ook heen met de gitaar. Hanneke raakt geobsedeerd door de krullen in de snor van Mar. Die blijkt hij erin te zetten met de krultang van z’n vrouw (Scheutje op?!).
Zaterdag heeft Hanneke een houten kop. Het ziet er wel zonnig uit, maar de wind is heel erg fris. We gaan naar Scharrendijke om boodschappen te doen. Bij de afvaart zie ik het laatste dukdalf van de remming over het hoofd. We raken hem met een flinke dreun, maar er is gelukkig geen schade. Bij de Middelplaat vinden we een plekje met voor en achter ca 10 cm ruimte, maar het gaat. De Pescador komt naast ons liggen aan de binnenzijde van de steiger. Dan gaan we boodschappen doe. In Scharrendijke doen we niet alleen een heleboel boodschappen, maar we kopen ook nog een pompje voor het toilet. Helaas blijkt dat niet te passen, maar gelukkig kunnen we het ruilen. Wat een luxe! die auto van Chih Ling. Het blijft – tegen alle voorspellingen in – vrij zonnig. ’s Avonds komt Piet Sap met vriendin langs bij de Pescador. Als zij vertrokken zijn kijken we naar de tweede helft van Duitsland-zweden, met een teleurstellende afloop in de laatste 15 seconden.
Zondag begint met een grotendeels bewolkte hemel. Geleidelijk komt er iets meer zo’n. Hanneke gaat met Tony en Chih Ling naar Port Zelande en naar een nieuw strandtenten daar. Ze lopen terug lang het strand en komen er bij het tunneltje pas achter dat alle doorgangen etc. naar de Grevelingen  zijn afgesloten. Dat is ivm het ‘Concert at Seat komende vrijdag. Gelukkig vinden ze een manier om toch het tunneltje te passeren, want anders hadden ze terug moeten lopen naar Port Zelande. Intussen lijm ik een houten deeltje in de kuipvloer en een bankje. Daarna maak ik 8 Mexicaanse tortilla wraps, voor de Marlijn en de Pescador. Die zijn lekker, maar veel teveel. Hanneke ontfermt zich over de afwas, die na mijn huishouden zeer aanzienlijk is! (Daarna hoef ik van haar nooit meer te koken….) Grappig is ook nog de ontdekking van een nestje met 3 jonge kwikstaartjes in een weggerot deel van de steiger. Die gezellige vogeltjes waren ons al wel opgevallen, elke keer met een soort mos of pluizen in hun snavel, maar het nestje hadden we helemaal niet opgemerkt! Als je diep in dat gat kijkt zie je daar 3 wijd opengesperde bekkies….
Week 5
Maandagochtend gaat Hanneke met Tony en Chih Ling naar de supermarkt. In de tussentijd vervang ik dan eindelijk het pompje van het toilet. Wat een takkenklus! Ik kan er eigenlijk niet goed bij doordat de pot vrijwel tegen het toiletkastje aangebouwd is. Uiteindelijk lukt het, maar lekt het… Dan, na gevloek en gepers, is ook de lekkage verholpen en hoeft alleen de pestzooi nog opgeruimd worden. Van pure blijdschap ga ik vandaag tien keer op het potje! Intussen is de Pescador vertrokken naar het eilandje ‘Dwars in de weg’, vlak voor Brouwershaven. Morgenochtend gaan ze naar de tuigerij in Brouwershaven omdat hun Genua niet meer goed in de rail gehesen kan worden. Die kan dat dan aanpassen.  Wij blijven nog even liggen wachten op mooi weer.

Hollandse gezapigheid

Inleiding bij logboek 2018

Na onze ‘wereldreis zijn we in september 2017 in Nederland aangekomen. Na enig lijflijk onderhoud aan de schipper was het schip, de Marlijn, echt wel aan de beurt. Ooit eerder had ik me nogal verbaasd dat onze vriend Gerrit zo weinig deed aan onderhoud van hun boot toen zij op de Middellandse zee rond voeren. Inmiddels weet ik beter: het leven dáár vergt zoveel van een mens, dat het eigenlijk wel een wonder mag heten dat die lui daar überhaupt nog iets uitvoeren! Zo ook verging het ons / mij…. Maar eenmaal terug in Leiden moest ik er toch echt tegenaan. Uiteindelijk kon ik – naar mijn gevoel tenminste – pas ‘echt aan de slag toen de masten er weer op gezet waren door Hans Jansen, de tuiger. Helaas begon het toen ook weer zo ontzettend te jeuken om te varen, dat we luttele dagen later vertrokken naar de Grevelingen, alwaar onze vrienden Tony en Chih Ling met de Pescador al twee weken eerder waren gearriveerd. Dit – en het kan niet genoeg benadrukt worden – geheel tegen de wens, het dringend advies, het bevel haast, van de schippersvrouw in… (De afgelopen jaren had zij – volgens haar zeggen – zó gesmacht naar een zomer in eigen tuin, dat ik al was begonnen met het ronselen van een alternatieve bemanning….) Toch, achteraf bezien had zij wel een puntje…. Het gevolg is dat de schipper nu – terwijl iedereen lustig van het leven geniet – de schipper, die heeft allerlei klussen, achterstallig onderhoud, nieuwe probleempjes, enzovoorts. Dat weerhoudt de schipper er niet van om zeer geregeld een rookpauze te houden, een biertje in te nemen of zelfs, samen met vrienden een autotochtje te maken naar feesten in de omgeving, of, prozaïscher, mee te moeten winkelen. Op die manier gaan de klussen wel wat minder snel, maar blijft de schippersvrouw enigszins tevreden.

Hierna dus een eerste verslag van de eerste paar weken op de Grevelingen. De late verschijning van dit logboek werd veroorzaakt doordat de internetverbinding met een nieuw apparaat meer vragen opriep dan de schipper aanvankelijk wist te beantwoorden. Opgemerkt kan worden dat ook de inhoud wat anders van karakter is: geen avontuurlijke gebeurtenissen meer, maar het leven van alledag van een alledaags stel, enigszins op leeftijd en aldus een beetje versleten.

Eind mei 2018
Vrijdagochtend vertrekken we op de vouwfietsjes van huis. Om 10.05 uur gooien we los en varen langzaam langs de jachthavens naar het Joppe. Dan gaat het gas erop: naar de Ringvaart, de Heymanswetering en de Oude Rijn. Vlak voor Alphen moeten we even wachten. Dan, stapvoets, door Alphen naar de Gouwe. De spoorbruggen lijken voorlopig dicht, maar dan komt een vrachtschip van de andere kant. Ook wij mogen door mits we binnen een minuut gepasseerd zijn. Volgas! En het lukt. De hefbruggen duren allemaal eventjes en dan zijn we toch tegen drie uur in Gouda. We maken ons klaar om daar een paar uur te wachten, maar dan wordt ook hier de brug geopend voor een vrachtschip van de andere kant. Maar wij mogen ook door! Hanneke wil eigenlijk stoppen, maar na de sluis wil ik eigenlijk nog wel even door. Dus jakkeren we met stroom mee de Hollandse IJssel af en om zes uur kunnen we door de sluis bij Krimpen aan de IJssel. Dan gaan we nog even door naar Krimpen aan de Lek. Dat blijkt om 19.30 uur een piepklein haventje met erg gezellige mensen. We kunnen alleen met grote moeite de box in, maar het lukt.

Zaterdagochtend ben ik om 06.30 uur op. Een half uur later zijn we onderweg naar Dordrecht. Daar schijnen “havendagen” te zijn, dus verwacht ik veel drukte. Maar eerst moeten we bij Alblasserdam 2 uur wachten voordat de brug draait. Dan door naar Dordrecht. De drukte daar valt mee en de bruggen draaien bijna meteen. We kunnen achter een zeeschip meteen door. Op de Dordse Kil hebben we flink wat stroom tegen en er is behoorlijk wat beroepsvaart. Toch zijn we tegen twee uur bij het Hollands diep. In het zonnetje varen we naar de Volkeraksluizen. Die gaan open bij aankomst, dus we kunnen meteen door. Hanneke sputtert wel tegen, maar toch. Net bij het invoeren van de sluis zien we een bekende boot liggen: de Adamas, van Piet Sap. Piet hebben we voor het laatst gezien in Cartagena in zuid Spanje. Hij bleef destijds een tijdje op het Mar Menor, terwijl wij doorgingen, uiteindelijk naar Italië en Griekenland. (Hoewel we roepen en hem via de marifoon proberen te bereiken reageert hij niet.) Ook het Volkerak gaat gezwind en de Krammersluizen en die van Bruinisse zijn snel gepasseerd. In Bruinisse kunnen we bij de gemeentelijk jachthaven een jaarkaart voor de Grevelingen kopen. Ik stuur een berichtje aan Tony en Chih Ling dat we eraan komen. Ze antwoorden direkt: Ja gezellig! Ze liggen op de Kabbelaarsbank. Het bier staat klaar! Als Hanneke weer op de boot is gooi ik dus meteen los. Dan blijkt dat Hanneke zich erop verheugd had dat we nu eindelijk wat korter zouden varen, terwijl ik dacht dat we nu het laatste stukje ook ‘even’zouden doen. Hanneke is echt boos! Ik roep dat het “maar een uurtje” duurt. In feite blijkt dat dan toch iets langer. Intussen is Hanneke wel iets afgekoeld en de ontmoeting is warm en gezellig! Het wordt dus ook tamelijk laat…. 

Zondag is een beetje saaie dag. Hanneke loopt naar Port Zeelande, een wandeling van een uurtje heen en dito terug. Het is best een lekkere dag, maar ’s avonds komt er koude mist opzetten. We zien een eindje verderop de Santé liggen, maar weten niet of het schip verkocht is of niet. Chih Ling wil de volgende ochtend naar de Middelplaat omdat hun zoon vanuit Venray hen komt ophalen. De daarop volgende dag komen zij dan met hun eigen auto terug naar Zeeland. Het blijft opnieuw de hele dag lekker zonnig met oostenwind. Ook komt de Santé nu naar de steigers aan de Middelplaat. Ik help hem aanleggen en het blijkt inderdaad Ton, de ex van Sjaan, te zijn. Hij weet nog wel vagelijk wie wij zijn. In het weekend gaat hij naar huis, want hij heeft twee kippen. “Dan heb ik een beetje aanspraak, hè” zegt hij. Ton is aanmerkelijk spraakzame dan ik me hem herinner. Hij vertelt dat Sjaan ziek is geweest, maar dat het nu wel weer goed met haar gaat. Ook vertelt hij dat hij de Grevelingen het mooiste zoekgebied van de wereld vindt. Hij gaat nooit ergens anders heen met de Santé. Hij was een keer op Sicilië geweest, maar daar had het z’n hele vakantie nauwelijks gewaaid! Voor hem alleen maar de Grevelingen. (Zijn schip is een stalen Carena ketch in uitmunde conditie en op en top zeewaardig!)

We zien verschillende keren een zeehond, vlak bij de boot. Op het strandje bij de waterdoorlaat in de Brouwersdam zitten er verschillende. Een visser heeft het zelfs over een plaag…. Tsja, een hengelaar dus…. Later, als we zeilen, zien we er ook een, midden op het water. Intussen is op de Middelplaat iedereen nogal bezig met de twee verdwenen duikers. Van een afstand zien we de helikopter en verschillende bergingsvaartuigen. Één daarvan ligt ’s nachts vlak bij ons aan een kade. Vlak voor donker wordt de eerste man terug gevonden, de volgende dag ook de ander. Triest!

We ontdekken dat we nergens een WiFi signaal hebben. Ook lukt het me niet – ook niet na uren geprobeer – om mijn laptopje te verbinden via mijn telefoon (tetering): ze zien elkaar eenvoudigweg niet. Vreemd! Dan kan ik het logboek alleen bijwerken als we in een haven met WiFi liggen.

Hanneke vindt dat ik het kajuitdak maar eens moet gaan poetsen. Met frisse tegenzin begin ik. Na een tijdje begint eerst de achter-buurman, daarna de buurman voor, ook aan een poetsklus. Daarna is dat het geval op alle boten in de haven!  Waarschijnlijk zijn ze aangestoken door mijn werklustige houding en allemaal ook,  vervloeken ze zachtjes mijn vlijtige echtgenote, die intussen gezellig een puzzeltje zit te doen in de kuip.

Donderdag is het heel ander weer: het begint nog aardig, maar ’s middags wordt het somber en grijs, met later onweer en regen. We hebben ‘preventief’ de wintertent opgezet, zodat wij overwegend droog blijven. Het meest barre weer trekt aan ons voorbij, maar we horen en lezen dat het elders bar en boos is.
Ook vrijdag is het tamelijk slecht en dan onweert en hoost het zelfs bij ons een poosje. Vanwege de 3-dagenregeling verkassen we weer naar de Kabbelaarsbank. Het blijft miezerig en het wordt heel mistig: minder dan 50 meter zicht! We trekken ons terug in de boot en doen een spelletje Rummycup. Ik ga nipt de ballenbak in doordat Hanneke alle azen heeft. Wat een waardeloos spelletje….

Week 2  – Zaterdag gaan we met de auto met z’n vieren naar Middelharnis. Er zijn daar ‘havendagen’ en iedereen – behalve ik – wil daar naartoe. Ik vind Middelharnis onherkenbaar, maar het is ook zo’n 30 jaar geleden dat wij daar gelegen hebben. Bij de fanfare en het zeemanskoor hebben we het even over Piet Sap, die immers drummer en dirigent is. Dan zie ik opeens Piet met een dame staan! Dat blijkt zijn vriendin te zijn, met wie hij woont in Stad aan het Haringvliet. Het wordt opnieuw een ontzettend gezellig weerzien! (Ons laatste contact was 5 jaar geleden!) Piet nodigt ons uit voor een bakkie koffie op een terrasje. Hij blijkt vorig jaar een onverwachte en ingrijpende open hart operatie te hebben ondergaan. Daarna gaan we langzaamaan terug naar de boot. Achteraf wordt de anekdote verteld dat Piet ooit Tony en Chih Ling uitnodigde voor een kopje koffie. Ze zeiden graag en even later stopt Piet bij een Ikea, waar de koffie gratis is. (Sindsdien heeft Piet de naam nogal zuinig te zijn….)

Zondag ziet het er ’s ochtends onverwacht best aardig uit. We besluiten om te gaan zeilen en vanmiddag aan te leggen aan de Ossenhoek. Het is wel zonnig, maar er staat niet meer dan windkracht 2 of 3. Bij het wegvaren haakt ons anker achter een meerpaal. Afgezien van een gebroken lijntje is er gelukkig geen schade. Wel heel weinig wind en dan is een rondje om de Veermansplaat blijkbaar een heel eind, helemaal met een snelheid van 1 tot 3 knopen…. Pas tegen het eind van de middag komen we boven de 4 knopen voortgang, maar dan zijn we ook weer bij de Ossenhoek. We leggen aan, maar ’s avonds wordt het killer en killer en begint het stevig te misten. We zien de flarden wolken langs de haven trekken, maar het blijft in het haventje lang redelijk helder. Hanneke wil graag een spelletje doen: Rummycup. Ik ga twee keer het schip in, net voordat ik zelf uit kan. Wat een waardeloos spelletje….

Maandag begint heel mistig en koud. Ik doe wat klusjes en tegen één uur klaart het langzaam op en wordt het zelfs aangenaam.

Vrienden van Tony en Chih Ling uit Scharrendijke komen langs op de Ossenhoek, Roel en Gerda. Roel is een Kagenaar van geboorte maar spreekt als een heuse Hagenaar. Een heel gezellig stel, en ze vertrekken dan ook uuuuren later. Als Hanneke om half tien in bed wil gaan lezen slaapt ze binnen vijf minuten als een roos. Ik volg een uurtje later, wat uitermate vroeg is voor mijn doen, maar zonder nadelige gevolgen (wakker liggen, tandenknarsen, scheten laten, of zoiets: ik heb er niets van gemerkt.

Dinsdag begint opnieuw grijs, kil en winderig. Het is nog steeds NO-wind. Tegen half twee breekt een zonnetje door, eerst aarzelend, maar al vrij snel echt. Het is zelfs warm in de zon, als je maar uit de wind blijft! Ook die gaat een beetje liggen. Ik doe wat klusjes, zoals een nieuw lijntje aan het anker, schoonmaken, schuren van een kuipbankje en later in de teakolie zetten. De boot ziet er van binnen weer redelijk acceptabel uit en van buiten een beetje. Er is nog een heleboel werk aan de winkel, vooral schoon maken en poetsen! Tegen vieren komen Roel en Gerda borrelen op de Pescador, naast ons. Wij worden ook uitgenodigd en het wordt weer een gezellige boel, met gitaren en zelfs wat samenzang…. Pas tegen acht uur wordt de sessie afgesloten want iedereen moet nog koken en eten. Roel staat met z’n 82 jaar niet meer zo stevig dus we moeten opletten dat hij heelhuids van de boot en de steiger komt. Daarna maak ik macaroni met tomatensaus met hamblokjes, uien, paprika’s en courgette, terwijl Han een Griekse salade fabriekt. Intussen is het wel weer stervenskoud terwijl ook de wind weer aantrekt. We besluiten dus binnen verder te gaan. De vooruitzichten voor morgen zijn wel heel goed, dus daar hopen we dan maar op.

De donderdagochtend begint stralend zonnig, maar niet voor lang. We varen om 10 uur naar Port Zelande om brood te halen. Hanneke blijft een kwartiertje weg en in die periode betrekt het vanuit het zuiden. Als ze terug komt blijkt dat er in deze ‘supermarkt’ ook niet veel meer te koop was dan vers brood: ze gaan over op een andere winkelketen, de Spar, en er was nog maar weinig verkoopbare waar. We varen naar de Stampersplaat waar deze keer vrijwel alleen grotere zeilboten liggen. We meren aan, precies de verkeerde kant op (met wind mee), bedenken we iets later. Meteen begint het te druppelen. Dus maar snel de wintertent erop, want de komende dagen ziet het er hier weer treurig uit. Vanmiddag zware buien, onweer en hagel, morgen zware buien en koude, overmorgen ook zoiets… Een echte vakantie in eigen land. Gelukkig zitten wij droog. Toch wordt het een uurtje later weer aardig: met een zonnetje erbij wordt het zelfs warm! We besluiten de boot maar eens écht grondig schoon te maken. Ruim twee uur later zijn we een eind op weg en het dus ook helemaal zat. Het betrekt weer een beetje en we besluiten dat het tijd is voor een wijntje / biertje. (Morgen is er immers weer een dag.) Het is opmerkelijk stil hier: afgezien van onbeperkt vogelgetierelier horen we nauwelijks iets. De andere buren zijn overwegend oud en der dagen zat, wars van enig vertier. Gelukkig is er een grijze man van een jaar of vijftig die een beetje leven in de brouwerij komt brengen. Hij loopt met een verrekijker rond, in zichzelf mompelend (Bij de Marlijn horen we hem zeggen “Dit is wel een stevige….). Hij blijkt de masttoppen met z’n kijker te bestuderen. Bij onze achterburen krijgt hij de kans een praatje aan te knopen. Wat wij zo opvangen is een volslagen wartaal-verhaal. Hij weet wel de juiste termen, maar haspelt allerlei dingen door elkaar en heeft vreemde theorieën over zeilen en zeilvoering. De buren komen niet eenvoudig van deze man af, daar krijgen ze geen kans voor, want hij blijft maar doorreutelen. En zij gaan er dan toch af en toe op in… Nou ja, uren later…. Intussen nemen wij een nachtegaal (vermoedelijk) waar, vermaken we ons met een heel brutaal hondje dat zo bij onze buren voor aan boord springt om vriendje te worden met de veel grotere hond op die boot, en dat soort dingen. Uiteindelijk taait de man toch zelfstandig af…… En dan wordt het weer stil in dit havenkommetje. We komen dus helemaal tot rust…… Morgen, vrijdag, begint de happening van de Hallberg-rasse club met een borrel en eten, gevolgd op zaterdag door een rondje Grevelingen. Helaas blijkt dat ik ons niet meer kan opgeven: de intekening is al een week geleden gesloten. Overigens zie ik ook dat wij de leden zijn met het alleroudste bootje, uit 1975. Nou ja, dan hoeven wij daar ook niet persé naar toe, zegt Hanneke.
We maken een avondwandelingetje en ontdekken dat het eiland veel begroeider is geworden dan voorheen. De strandjes waar Jelle en Lieke ooit zochten naar de allerkleinste hoorntjes en schelpjes (“Die grote kan iedereen vinden, maar die kleintjes, dát is pas echt moeilijk!” sprak pa ooit huichelachtig) zijn verdwenen. Het zand is weggespoeld, er liggen alleen keien. Duinen zijn overwoekerd door heftige braambossen, er zijn nog nauwelijks paardensporen en struikgewas is uitgegroeid tot volwassen bomen. Het eiland is veel meer ‘natuur’ geworden, maar ook beduidend minder toegankelijk, zeker voor kleinere kinderen.

Vrijdag begint om 7 uur – geheel volgens voorspelling – nat en zeikerig. Toch wordt het langzaamaan droog. Om 9 uur komt het leven hier op gang. Er verschijnen wat pony’s. Om 11 breekt het zonnetje een beetje door. Onze havendwaas vaart rondje in z’n rubberbootje, luid zingend, en roept dat zijn motortje uit 1972 stamt en dat z’n bootje halfvol water staat doordat het lek is. Geen wonder dus, dat dat kleine k..-hondje de hele tijd blaft: die heeft nog geen zin om samen ten onder te gaan. Aan de overkant heeft een onsympathieke Duitse boot al twee uur z’n motor staan draaien om de accu’s weer fit te krijgen voor een avondje tv…. Ik ben begonnen aan één of ander klusje. Om een uur of half drie vind ik het wel welletjes. Pijn in mijn rug en mijn werkspier belemmeren mij ernstig in mijn beweging, dus ik stop ermee. Hanneke heeft in navolging ook weer een bezem ter hand genomen en maakt het dek verder schoon. Zij volgt al ras mijn lichtend voorbeeld en gaat opnieuw een puzzeltje doen. Intussen stroomt het haventje vol met allerlei weekend-gangers, de meeste van rond het Hollands Diep. Er volgen allerlei interessante gesprekken tussen de nieuwkomers, vaak over die lui die naar de Middellandse Zee gaan, waar het allemaal niks kost. Leerzaam hoor, want waar wij geweest zijn was het leven wel iets goedkoper, maar ook weer niet gratis… En dan komt er een bootje dat er niet meer bij past langs de kant. En omdat onze stoorwillen zo uitnodigend klaar hangen… Tja, wel aardige mensen, maar veel contact hebben we niet want zij gaan andersom liggen.

week 3 – Zaterdagochtend ben ik heel vroeg wakker na een sprookjes-achtige droom. Tegen tien uur vertrekken wij, en onze buren dus ook. We varen naar Bruinisse. Het weer is wat aardiger dan voorspeld. Vlak voor Bruinisse komt de hele Hallberg Rassy club naar buiten. Een honderd, vooral grote en dure boten. De Marlijn is dus de alleroudste boot van dit gezelschap….. We gaan de haven in om wat boodschappen te doen. De supermarkt is piepklein en heeft bijna niets. De watersportwinkel is peperduur en heeft wel heel veel tegen heel veel geld. We vertrekken weer. Intussen is het best zonnig en het waait stevig vanuit het NNO , dus schuin tegen. De Stampersplaat is vol, de Ossenhoek ook, dus door naar de Middelplaat (hoewel Hanneke Bommenede nog wel ziet zitten). Het wordt ook kouder, de wind harder, maar we zetten door en vinden een gaatje op de Middelplaat. Chih Ling helpt ons aanleggen. Zij gaan boodschappen doen en Hanneke kan mee. Ik ga een klusje doen aan de boegspriet. En dan komt er een grote zeilboot vragen of ze bij ons langszij mogen. Tsja, dat krijg je met de stoorwillen zo uitnodigend klaar hangen…. Als Tony en Chih Ling terug komen gaan we gezellig borrelen op de Marlijn. En aldus schiet het eten er bij in, na al die hapjes en drankjes.

Zondagochtend begint grauw, maar al vrij snel ontstaan gaten in het grijs. Ik zet een bankje in de teakolie. Onze hoogbejaarde en eenkennige achterbuurman, wonend op een afgetakeld barrel van een vrachtscheepje, krijgt een aanval van nostalgie over betere tijden. Hij zet een langspeelplaat met café-muziek op: “Ouwe juffrouw Jansen, die houdt van dansen….” en veel nederlandstalige dukbox-treurnis. Dat gaat een uurtje door, maar de buurman heeft een fijn zintuig: het binnendsmond gemopper bij de buren brengt hem tot zwijgen. Tony en Chih Ling verkassen plotseling van hun plek in de wind, een heel eind verderop, naar een plekje naast ons aan de binnenkant van de steiger. Zus Henny en dochter Joice, alsmede een broer van Chih Ling, Lowry en een zwager Willem komen bij hun buurten. Na wat zoeken vind ik intussen de goede maat splitpennen en zet daarmee beide spanners van de boegspriet weer vast. Ook maak ik een kikkertje aan de mast voor een vlaggenlijntje. In de wind is het onaangenaam koud, in het zonnetje daarentegen, iets te warm. Tegen één uur maken onze buren voorzichtige voorbereidingen om naar Herkingen terug te zeilen. Dan hebben wij ook weer wat uitzicht. Op het moment dat zij wegvaren komt Piet Sap met z’n vriendin op de Adamante aanvaren. Hun auto stond hier al geparkeerd, dus het is niet echt onverwacht. De familie Tseng vermaakt zich, vooral als broer Lowry zegt dat hij de mast wel in durft om het windmetertje op gang te helpen, maar niet verder komt dan de zalingen (6 meter, dus nog niet halverwege). Intussen krijgt Hanneke een aanval van poetslust. Dus zitten we de kuip schoon te maken en te poetsen, en met resultaat! Over vijven vertrekt de familie Tseng weer en wordt het rustig. De bemanning van de Pescador hangt uitgeput in de railing. Ik maak ‘penne’ met pastasaus met ballen, en wel zoveel dat we er drie dagen van kunnen eten. Morgen weer eens een dagje Ossenhoek? ’s Avonds spelen we nog wat liedjes. Ook blijkt Chih Ling nog een nieuwe gasfles te willen halen, water te willen tanken en te verkassen naar de Ossenhoek. Nou, dat komt ons wel heel goed uit: onze brandbare waar (gas en shag) loopt op z’n eindje. Dus we willen graag mee!

Maandagochtend ziet het weer er on 7 uur al best goed uit. Helaas blijkt ons gas op, dus de koffie moet nog even wachten. Tegen half negen duikt Chih Ling op. We kunnen een gastankje van hem lenen. Het komt dus goed uit dat we gas gaan halen: een grote en drie kleine tankje voor ons, één grote voor hem, en …. shag (er zat een angstwekkend gat in de voorraad…). Dat blijkt nog een prijzig geintje! We zijn voor de hele zooi gas bijna € 180 kwijt! Als we terug zijn gooien we los om water te tanken. Daarna naar de Ossenhoek. Daar is het uit de wind warm, echt warm! Wij gaan verder met poetsen; Chih Ling gaat rommelen met z’n bijboot. Op een gegeven moment zie ik – een eind verderop – een Aalscholver in gevecht met een grote paling. Het duurt misschien wel een kwartier, want de paling werkt niet mee! Hij wil persé niet met z’n kop naar binnen. Tsja, en als je hem dan in het midden beet hebt als Aalscholver…. Hanneke maakt de hele kuip brandschoon en weer glimmend. Daarbij steekt mijn strookje gecleande teak maar povertjes af. Maar ja, de cleaner was op…. Als beloning zorg ik voor een douchebeurt voor madame. We eten weer penne met saus. Het blijft prachtig weer, hoewel winderig. Wij liggen in de luwte, dus hebben daar weinig last van. Ton komt met de Santé vlak bij liggen. Tegen de avondschemering wordt het sociale leven hier heel stil, zeg maar nul. Nou ja, dat is ook wel weer rustig, behalve de deining die op een vreemde manier hier de ligplaats binnen komt, haaks op de wind.

Dinsdag 12 juni is het grauw bewolkt. De binnenkomende golven maken onze ligplaats een beetje onrustig, terwijl er toch weinig wind staat. Als er plek komt aan het andere eind van het haventje verkassen we daarheen. Daar liggen we heel rustig en vrijwel helemaal uit de wind. Een prima plekje bij alle windrichtingen en -sterktes! Nu nog wat zon…. Die komt magertjes, tegen het eind van de middag. ’s Avonds spelen we wat en Tony en Chih Ling halen wat oude koeien uit de sloot.

Woensdag begint schitterend, voor even. Dan, na twaalven is het weer lekker zonnig en dat blijft de rest van de middag. Ik voltooid het stromend water, maar de elektrische aansluiting is niet naar m’n zin. Morgen opnieuw kijken. Hanneke schrobt de algen van het dek. Het wordt steeds mooier hier! Woensdagavond laat (het is al donker) horen we opeens allemaal boten vertrekken, na elkaar. Blijkbaar hebben ze alsnog besloten dat de voorspelde windrichting en -kracht 7 teveel voor hun gemoed is. Een Duits bootje komt na een uurtje toch weer terug, met veel misbaar.

Donderdag is een winderige en – af en toe – druilerige dag. Ik zet ons tafeltje in de teakolie. Dat is een hele verbetering. Hoewel gewaarschuwd was voor windkracht 7 tegen het eind van de dag, is het dan juist droog en ook de wind wordt behoorlijk rustig.
Vrijdag begint heel zonnig. Dan trekt er een wolkenveld over en lijkt de pret over. Chih Ling komt om half tien zeggen dat ze naar de Middelplaat gaan. Nou, wij ook dus. Al halverwege zien we dat de Brouwersdam helemaal in het zonnetje ligt. Wij passen precies op een plek aan de steiger. De Pescador gaat een klein eindje verderop aan dezelfde steiger liggen, maar aan de binnenkant. Zij blijken bijna alle bootjes en opvarenden hier te kennen. Onze buren, Willem (loopt rond alsof hij slaapwandelt) en Artje (zoveel lol in sex dat zij er voortdurend vunzige grappen maakt), Mart (klein mannetje met witte baard en snor met opgekrulde punten) en Ien. Een behoorlijk luidruchtig stel bejaarden met bootjes, maar wel gemoedelijk. Langs de waterkant scharrelt hier af en toe een Lepelaar. En vanochtend vloog hij over: een soort zwaan met een lang bek met een lepel aan de voorkant. Vroeger kwamen die bijna niet meer voor in Nederland, maar tegenwoordig schijnen ze weer redelijk vaak voor te komen. We gaan om 11 uur met de auto boodschappen doen: eerst naar Renesse, dan naar Burgh-Haamstede en dan via Scharrendijke weer terug. ’s Avonds barbecuen we op de Pescador. Lekker maar teveel. Tegen negenen begint het behoorlijk te misten, maar een uur later trekt die weer weg.

Week 4 – Zaterdag 16 juni begint vrij zonnig, maar dat duurt niet lang. Tony en Hanneke willen naar een marktje in Goedereede. We parkeren bij een oude molen, die we dan ook meteen bekijken. Opmerkelijk hoe geruisloos dat ding staat te draaien! Daarna gaan we naar het marktje, vlak voorbij de kerk. Het is er één met mensen in klederdracht en oude ambachten, aan de ene kant heel primitief, maar ook wel leuk: een barbier, een mandenvlechter, een wasvrouwtje, visrokerijen en allerlei kramen. Zo te zien doet heel het dorp mee. Twee mannen maken muziek, oud-Hollandse liedjes. Ze komen uit Leiden en herkennen Hanneke meteen en zij ‘mag mee’ in hun speciale act: in het midden tussen hen in in een opblaaskano zonder bodem, terwijl zij spelen ‘Ik heb je ooit een keer gezien, …. daar bij de waterkant….’ Ook heel grappig is een kraam met een Goereesche Fruitautomaat: drie mannetjes zitten met een juten zak voor zich. Je ‘koopt voor twee kwartjes drie plastic fruit-dingetjes. Dan mag je twee keer zwengelen aan de arm van een vierde man, de drie maken een sirene-achtig geluid en graaien in de juten zak een eigen fruitje. Als de gezamenlijk fruitjes van de mannen overeen komen met de drie in je hand heb je gewonnen…. Hanneke probeert het twee keer: mis! Dus wil ze nog twee kwartjes….. Weer mis! (Zo komt een gokverslaving dus in de wereld!) Dan komen we een Koos en Nelleke tegen (vrienden van Chih Ling) en genieten we gezamenlijk een koffie met zelfgebakken appeltaart. Als we willen afrekenen beweert de eigenaar dat het al betaald is door een dame. Pas na een hele tijd blijkt dat hij zich vergist heeft en dan moeten we alsnog betalen. Al met al is het wel een gezellig gebeuren. Terug op de boot vraagt een Indische meneer (Harry) een beetje bescheten of zijn vrouw, Lize, misschien ook mag meespelen met de gitaristen. Natuurlijk! Een paar uur later is het zover: we gaan op de kant bij een picknick-tafel spelen. Ze speelt goed en zingt prima (wel erg hoog) maar zo bescheiden dat het voor ons heel moeilijk te volgen is. Dat gaat dan wel moeizaam. Intussen gaat het steeds harder waaien en al haar muziekbladen waaien over de kade. Het toegestroomde publiek – veel oude besjes en hun mannetjes – vinden het een tegenvaller, net als wij….. En zo loopt het dus af, uit als nachtkaars… Wanneer we de gitaren naar de boten brengen, kiest de dikke map met alle liedjes van Chih Ling onverwacht en geheel zelfstandig het ruime sop… Gelukkig slagen we erin de drenkeling tijdig weer aan de wal te krijgen. (Hopelijk blijven z’n teksten leesbaar!) Op de boot, met alle tegenwindse flappen dicht, is het nog zo goed uit te houden dat we hoofdzakelijk vloeibaar eten…. En dan dus maar vroeg naar bed.

De zondag begint eventjes leuk, maar al snel trekt de Hollandse grauwsluier over de dijk en wordt het fris. Ik bestrijk met ontweringswater een groot deel van het potdeksel, maar dan begint het te miezeren. Ook begint het steeds harder te waaien. In het boottentje besluit ik om eindelijk de stuurboord-bakskist eens op orde te brengen. Binnen de kortste keren staan de hele kuip en alle bankjes vol met allerhande zaken: nuttige waren voor een lange trip, maar nu niet meer zo nodig…. Hanneke maakt een foto van de zooi en roept Chih Ling. Ik orden de zaken en ruim de boel weer in, en, vóór het eind van de middag is alles weer pico bello. Eigenlijk heb ik alleen maar een klein kratje weggooi-zooi over! Als ik dat weggebracht heb, vraagt Tony of ik niet ‘hoognodig met Chih Ling voetballen moet kijken. Dan gaat zij even gezellig buurten bij Hanneke. Na het voetballen buurten we allemaal bij Hanneke totdat het om half negen toch echt etenstijd wordt. De rest van de avond duurt zo kort dat daarover niets meer te schrijven valt.
Maandagochtend, 18 juni, hadden we gepland om met volle zeilen naar Bruinisse te varen, maar het druipt en miezert zó vreselijk dat varen echt onaantrekkelijk is. Tony en Hanneke wilden eerst nog boodschappen doen, maar nu duikelen de plannen over elkaar: naar Zierikzee, naar Goes, naar Goes en Zierikzee…. Het laatste plan wordt het: de nieuwe raampjes voor de Pescador bij Goes ophalen, Goes bekijken (winkelen dus), Zierikzee bekijken (winkelen dus) en dan terug via Scharrendijke (winkelen dus, want het bier is in de aanbieding). Aldus geschiedt. In Goes drinken we koffie en eten een grote punt appeltaart, resp. mokkapunt. In Zierikzee eten we een patat met kibbeling. (Hoogst hilarisch is het moment waarop een meneer met kibbeling een stukje in z’n mond steekt en de onbeheerde bak in z’n geheel door een flitsend snelle meeuw wordt weggesnaaid! De meneer doet nog een enorme graai, waardoor de kibbeling op z’n bank belandt. De meeuw kijkt om en ziet alleen nog een leeg bakje. Met een krijs van teleurstelling laat hij dat prompt op de kade vallen. De meneer graait de kibbeling met twee handen bij elkaar en gaat ergens mopperend in een veiliger hoekje zijn restanten opeten.) Om vier uur zijn we terug op de boten. Er is nu wel zon, maar er waait een koude wind onaangenaam recht de kuip in. Alle spullen worden weggepakt en we drinken een glaasje op deze welbestede dag. Honger hebben we niet meer, dus opnieuw een vloeibaar diner rest ons!